Automaat
Een automaat is een beveiliging in een elektrische installatie, gebruikt als alternatief voor een smelt- of schroefzekering.
Betekenis
Een automaat is een beveiliging in een elektrische installatie die als alternatief voor een zekering kan worden toegepast. In de voorschriften verschijnt de automaat met een specifieke nominale stroomwaarde (In) en als symbool "te plaatsen automaat". Automatische en interne thermische beveiligingen kunnen als herstelbaar of niet-herstelbaar worden aangeduid.
Toepassing
De automaat wordt toegepast voor de beveiliging van stroombanen en elektrische leidingen.
- Beveiligen van leidingen met gespecificeerde minimale doorsneden (voorbeelden: 0,5 mm² → automaat In = 4 A of zekering In = 2 A; 1 mm² → automaat van 10 A).
- Signaleren van plaatsen waar een automaat moet worden geplaatst via het symbool "te plaatsen automaat".
- Gebruikt in laagspanningsinstallaties volgens de toegelaten plaatsingswijzen.
Aandachtspunten
- Koppel de nominale stroom In af aan de geleiderdoorsnede zoals in de voorschriften aangegeven (bijv. voorbeelden met 0,5 mm² en 1 mm²).
- Houd rekening met interne thermische beveiligingen; deze kunnen herstelbaar of niet-herstelbaar zijn.
- Gebruik pictogrammen en plaatsingsaanduidingen om correcte installatie en verificatie mogelijk te maken.
Eisen / regelgeving
- Voor bepaalde leidingen wordt expliciet genoemd: "Elektrische leidingen van minimaal 1 mm² en beveiligd door zekeringen van 6 A of automaat van 10 A": dit wordt als toegestaan vermeld.
- Voor dunne geleiders is een voorbeeldgegeven beveiliging: bij 0,5 mm² geldt als optie "automaat In = 4 A of zekering In = 2 A".
- In de symbolenlijst van de voorschriften is "Te plaatsen automaat" opgenomen en worden ook symbolen voor interne thermische beveiligingen (herstelbaar en niet-herstelbaar) vermeld.