Glas: ontwikkeling van de kwaliteit

Ontwikkeling van glaskwaliteit behandelt de toegenomen lichtdoorlatendheid, vlakheid en sterkte die glas veelzijdiger en toepasbaar maakt.

Betekenis

Glas is een materiaal waarvan de bruikbaarheid in de loop der eeuwen sterk is gegroeid doordat lichtdoorlatendheid, oppervlakvlakheid en mechanische sterkte verbeterd zijn. Deze verbeteringen hebben glas geschikt gemaakt voor grotere ruiten, hoogtransparante toepassingen en constructieve inzet.

Toepassing

De kwaliteitsverbeteringen van glas leiden tot bredere toepassingen.

  • Toepassen in pv-panelen voor elektriciteitsopwekking.
  • Gebruik in zonnecollectoren voor warmtewinning.
  • Inzetten als grote vensterruiten en gevelbeglazing.
  • Constructieve toepassingen waar hogere sterkte vereist is.

Aandachtspunten

  • Vlakheid: vervormingen in het glasoppervlak verminderen de doorzichtigheid.
  • Grondstofkwaliteit: de keuze en zuiverheid van de grondstoffen beïnvloeden lichtdoorlatendheid.
  • Dikte en afmetingen: productieprocessen bepalen maximale afmetingen en beschikbare diktes.
  • Historische uitvoeringen: oudere handmatige productiewijzen leidden tot kleiner en brosser glas; bewerkingen vergroten de sterkte van modern glas.

Ontwikkeling van de lichtdoorlatendheid

Als glasvormend materiaal werd eeuwenlang kwarts (siliciumoxide) gebruikt; ongereinigd verwerkt gaf dit lichtdoorlatend maar niet doorzichtig glas. In de zeventiende eeuw leidde de vervanging van kwarts door zand tot een sterke verbetering van de lichtdoorlatendheid. Hedendaagse glasfabricage kan lichtdoorlatendheden van 90% en meer realiseren; dergelijke extreem hoge doorlatendheid vindt toepassing in pv-panelen en zonnecollectoren.

Ontwikkeling van doorzichtigheid en vlakheid

Doorzichtigheid hangt samen met de kwaliteit van de grondstoffen en vooral met de vlakheid van het oppervlak; hoe meer vervorming, hoe minder doorzichtig glas is (bijvoorbeeld bij figuurglas is vervorming doelbewust aanwezig). Vanaf de veertiende eeuw komt enige mate van doorzichtigheid voor, vanaf de zeventiende eeuw neemt dit sterk toe door betere handmatige technieken. In de twintigste eeuw leidt mechanische productie tot echt vlak glas, met als hoogtepunt de introductie van floatglas. Voorheen vormde geslepen spiegelglas een duur alternatief voor vlak vensterglas.

Ontwikkeling van de sterkte

Historisch was glas tamelijk bros en voor kleinere ruiten voldoende om winddruk op te vangen. Mechanische productie in de twintigste eeuw maakte het mogelijk grotere en dikkere ruiten te vervaardigen. Diverse bewerkingen en veredelingen verhogen de mechanische sterkte van modern glas, waardoor constructief glasgebruik mogelijk is.

Afmetingen en uitvoeringsvormen

  • Floatglas wordt in formaten tot circa 6000 x 3200 mm geproduceerd.
  • Beschikbare diktes voor moderne glasbladen lopen van ongeveer 0,6 tot 25 mm.
  • Typen oppervlak: vlak glas (float), figuurglas (bedoeld voor vervorming) en geslepen spiegelglas (historisch en arbeidsintensief alternatief).