Metselspecie
Metselspecie is een plastische mortel van zand, cement en water die wordt gebruikt om stenen of blokken aaneen te metselen.
Betekenis
Metselspecie (ook: metselmortel) is een plastisch, nog niet uitgehard materiaal dat als verbindingsmiddel tussen metselstenen of blokken dient. De specie zorgt voor hechting en vult openingen tussen de stenen zodat het geheel als één muur functioneert.
Toepassing
Metselspecie wordt toegepast bij metselwerk om stenen of blokken aan elkaar te hechten en voegen te vullen.
- Metselspecie met kalk wordt meestal toegepast bij zuigende stenen, zoals normale baksteen, kalkzandsteen en porisosteen.
- Metselspecie zonder kalk wordt meestal toegepast bij niet-zuigende stenen, zoals betonklinkers en harde klinkers (bijvoorbeeld voor een trasraam).
- Prefab metselcement of fabrieksmatig geleverde metselspecie wordt gebruikt voor specifieke steensoorten en randvoorwaarden (druksterkte, hechtsterkte, zomer/winter).
Aandachtspunten
- Volg de adviezen van de producent bij gebruik van metselcement of prefabmetselspecie en koop bij een leverancier met snelle omloop voor constante kwaliteit.
- Werk niet bij vorst en niet bij omgevingstemperaturen boven 30 °C; bij voorkeur tussen +5 en +25 °C; bij lichte vorst alleen met vorstmortel en met alle bestanddelen boven 0 °C.
- Bevochtig droge, sterk zuigende stenen ongeveer 24 uur voor verwerking (bespuiten met leidingwater); vermijd te natte stenen.
- Pas de hoeveelheid water aan: te natte specie veroorzaakt drijvend metselwerk, te droge specie kan hechtingsproblemen geven; harde stenen vragen een relatief drogere, stuggere specie.
- Let op de cementhoeveelheid: te weinig cement geeft een poreuze specie; te veel cement veroorzaakt krimp en vermindert de hechting.
Materialen / uitvoeringsvormen
- Basismaterialen: metselzand (korrelgroep 0–2, korrels 0,063–2 mm), cement en water.
- Hulpstoffen: eventueel kalk (vertraging van vochtopvang, toepasbaar bij zuigende stenen) en hulpstoffen zoals luchtbelvormers (verbetert verwerkbaarheid).
- Metselcement: droog prefab bindmiddel waarin soms kalksteenmeel en luchtbelvormer zijn toegevoegd; bij metselcement moeten nog zand en water worden toegevoegd.
- Metselspecie uit de fabriek kan alleen water vereisen voordat verwerking plaatsvindt.
Afmetingen / mengverhouding
- Algemene verhouding: 1 deel cement op 3 delen zand (1:3).
- Veel gebruikte varianten door metselaars: vettere specie 1:2,5 of schralere specie 1:3,5.
- De hardheid van uitgeharde specie hangt mede af van de verhouding cement–zand; bijvoorbeeld bereikt een verhouding 1:3 ongeveer een gemiddelde druksterkte van 20 N/mm².
Eisen / regelgeving
- Metselmortelkwaliteiten worden aangeduid met M5, M10 of M15 (aanduiding in N/mm²).
- Bij specificatie van metselmortels hoort ook de mate van initiële wateropname van de baksteen (IW1 t/m IW4) en andere baksteenspecificaties zoals het hallergetal.
Werkwijze
- Meng eerst de droge delen (cement, zand, eventueel kalk e.d.).