Ruiter

Een ruiter is een smalle balk bovenop de nokgording of hoekkeper voor de bevestiging van de nokvorsten.

Betekenis

Een ruiter is een smalle balk die bovenop de nokgording of de hoekkeper van een dak wordt geplaatst, of over de nok van de spanten. De ruiter dient als bevestigingsregel waarop doorgaans een kunststof ondervorst en de nokvorst worden bevestigd.

Toepassing

De ruiter komt voor in dakconstructies.

  • Bevestigen van de ondervorst en de nokvorst bovenop de nokgording of hoekkeper.
  • Plaatsen over de nok van spanten als bevestigingsregel.
  • In nokdetails en keperdetails van houtbouwelementen, vaak in combinatie met een ruitersteun (ruiterbeugel).

Aandachtspunten

  • Zorg dat de ruiter correct aansluit op de nokgording, hoekkeper of spanten om de vorsten goed te kunnen bevestigen.
  • Houd rekening met het gebruik van een ruitersteun (ruiterbeugel) bij montage op een keper.
  • Reken bij het detailleren op de aanwezigheid van ondervorst, nokvorst, dakpannen en panlatten in het nokdetail.

Onderdelen

  • Ondervorst (meestal kunststof): wordt op de ruiter aangebracht.
  • Nokvorst: wordt op de ondervorst bevestigd.
  • Ruitersteun (ruiterbeugel): toegepast bij keperdetails.

Verschil met dakruiter (torentje)

De term ruiter kan ook verwijzen naar een dakruiter, oftewel een torentje op het dak (Engels: ridge turret, roof spire, flèche); dit is een geheel andere bouwkundige vorm dan de smalle bevestigingsbalk in de nok.

Terminologie

  • Engels (balk boven nok): ridge piece, ridge board, ridgepole.
  • Engels (torentje): ridge turret, roof spire, flèche.