Aardverbinding
Een aardverbinding is één of meerdere in de grond aangebrachte geleidende delen die een elektrische verbinding met de aarde vormen.
Betekenis
Een aardverbinding dient om foutstromen naar de aarde af te leiden en zo risico's op elektrische schokken en brand te beperken. Bij afwezigheid of slechte uitvoering kan foutstroom via een persoon naar aarde vloeien, wat dodelijk kan zijn. De kwaliteit van de aardverbinding wordt gekarakteriseerd door de spreidingsweerstand.
Toepassing
Een korte omschrijving van waar en waarom een aardverbinding wordt toegepast:
- Voor bestaande gebouwen: één of meerdere met elkaar verbonden en in de grond aangebrachte geleidende stukken vormen de elektrische verbinding met de aarde.
- Voor nieuwe gebouwen: plaatsing van een aardingslus op de bodem van de funderingssleuf is verplicht wanneer de bodem van de funderingssleuf, een gedeelte van of de gehele fundering op ten minste 60 cm diepte ligt.
- Tijdens het onderzoek voor indienststelling wordt de spreidingsweerstand van de aardverbinding of aardingslus gemeten door de erkende controle-instelling.
Aandachtspunten
- Een degelijke aardverbinding is essentieel: bij gebrek daaraan kan foutstroom via een persoon lopen en kan dat dodelijk zijn.
- De spreidingsweerstand van de aardverbinding moet vóór indienststelling worden gemeten door de erkende controle-instelling.
- De aardingsinstallatie maakt deel uit van een geheel van onderdelen (zie Onderdelen); al deze delen beïnvloeden de prestaties van de aardverbinding.
- Wanneer de spreidingsweerstand groter is dan 30 Ω zijn bijkomende beschermende maatregelen vereist; bij waarden tussen 30 en 100 Ω moeten aanvullende voorzieningen zoals geschikte differentieelstroominrichtingen worden toegepast.
Eisen / regelgeving
- De waarde van de spreidingsweerstand van de aardverbinding of aardingslus mag niet groter zijn dan 30 Ω.
- Indien bijkomende maatregelen worden genomen, mag de spreidingsweerstand niet groter zijn dan 100 Ω.
- Voorafgaand aan indienststelling neemt de erkende controle-instelling de metingen van de spreidingsweerstand.
Uitvoering
- Voor nieuwbouw: een aardingslus moet worden aangebracht op de bodem van de funderingssleuf wanneer die op ten minste 60 cm diepte ligt; dit betreft de aanleg van een gesloten geleidende lus in de funderingsbodem of een gelijkwaardige uitvoering.
- Voor bestaande gebouwen wordt gebruikgemaakt van één of meerdere in de grond aangebrachte en onderling verbonden geleidende delen.
Onderdelen
Onderdelen en begrippen die in samenhang met de aardverbinding genoemd worden:
- Aardingslus
- Aardingscheider
- Vreemde geleidende delen (bijvoorbeeld gas-, waterleidingen, centrale verwarmingsleidingen)
- Metalen draagstructuren
- Hoofdaardingsklem
- Massa
- Aardgeleider
- Hoofdbeschermingsgeleider
- Beschermingsgeleider
- Hoofdequipotentiale verbinding
- Bijkomende equipotentiale verbinding