Aardgeleider

De aardgeleider verbindt de hoofdaardingsklem met de aardverbinding en kan een aardingsscheider omvatten.

Betekenis

De aardgeleider is de geleider die de hoofdaardingsklem verbindt met de aardverbinding; een eventuele aardingsscheider wordt geacht deel uit te maken van deze aardgeleider. In de praktijk is de aardgeleider een geel-groene geleider.

Toepassing

De aardgeleider wordt toegepast om een elektrische verbinding tussen de installatie en de aarde te realiseren en zo foutstromen af te leiden.

  • Verbindt de hoofdaardingsklem met de aardverbinding of aardingslus.
  • Vormt onderdeel van het beveiligings- en aardingssysteem van een installatie.
  • Wordt doorgaans in geel-groene isolatie uitgevoerd.

Aandachtspunten

  • Minimale doorsnede voor de aardgeleider: 16 mm² (geel-groen).
  • De aardgeleider kan een aangesloten aardingsscheider omvatten; die wordt als deel van de aardgeleider beschouwd.
  • Zorg dat aansluitingen en verbindingspunten toegankelijk zijn voor controle en onderhoud.

Afmetingen / doorsneden

Minimale doorsneden van geleiders (geel-groen) zoals vermeld:

  • Aardgeleider: 16 mm²
  • Hoofdbeschermingsgeleider: 6 mm²
  • Hoofdequipotentiale verbindingen: 6 mm²
  • Bijkomende equipotentiale verbindingen: 4 mm² (*)
  • Beschermingsgeleider stopcontacten: 2,5 mm²
  • Beschermingsgeleider verlichting: 1,5 mm²

(*) Mechanisch beschermd (bv. in buis): 2,5 mm²; niet-mechanisch beschermd: 4 mm².