Afknotten
Afknotten is het verwijderen of afvlakken van het bovendeel van een gebouw, boom of van de scherpe uiteinden van balken.
Betekenis
Afknotten is het wegnemen of afvlakken van het bovenste gedeelte van een object, waardoor een deel van de hoogte verloren gaat. De term verwijst zowel naar het afkappen van daken en torens als naar het beheerstechnisch knotten van bomen en het afsnuiten van scherpe hoeken van balkuiteinden.
Toepassing
Afknotten komt voor in verschillende contexten.
- Bij gebouwen: maken van een afgeknot schilddak, een afgeknotte molen (een molen zonder wiekgedeelte) of een afgeknotte kerk.
- Bij bomen: knotten (pollarding) om takhout te winnen, erosie langs waterkanten te beperken of bomen laag en windvriendelijk te houden.
- In houtbewerking: afsnuiten van scherpe hoeken of kanten van balkuiteinden.
Aandachtspunten
- Verwijderen van hoogte: afknotten resulteert vrijwel altijd in het verlies van een deel van de oorspronkelijke hoogte.
- Oorzaken bij gebouwen: vaak volgt afknotten op vernietiging van het bovenste deel door blikseminslag, brand, oorlogsgeweld of verwaarlozing.
- Uiterlijk kan misleiden: een ogenschijnlijk afgeknot gebouw kan ook simpelweg onvoltooid zijn door gebrek aan middelen (bijv. Grote Kerk / OLV Kerk in Dordrecht).
- Gevolgen voor bomen: bij geknotte bomen neemt de kans op rotten van het binnenste toe omdat de knot water kan vasthouden.
- Ecologische neveneffecten: vochtige knotten bieden soms groeiplekken voor andere plantensoorten.
Typen en termen bij bomen
- Knotten wordt vaak "knotten" of "afknotten" genoemd en voor bomen specifiek ook "pollarding".
- Voor knotwilgen bestaan verschillende hoogtevarianten met de term "stoof", van laag naar hoog: voetstoof, kniestoof, hoofdstoof.
Taal
- Engels: to pollard (alleen voor het afknotten van bomen), to truncate.