Basculebrug

Een basculebrug is een beweegbare brug met een brugklep en een contragewicht verbonden via een rondsel en een kwartcirkel-tandbaan.

Betekenis

Een basculebrug is een beweegbare brug waarbij het wegdek als brugklep is verbonden met een ballastarm met een contragewicht. De brug draait om een horizontale as via een rondsel dat over een tandbaan van een kwart cirkel loopt, zodat brugdek en contragewicht verticale bewegingen maken; het geheel is zodanig uitgebalanceerd dat het ballastgewicht in evenwicht is met de brugklep.

Toepassing

Basculebruggen worden toegepast als beweegbare oeververbindingen waarbij de brugklep kan worden geopend.

  • Als enkele basculebrug met contragewicht in de basculekelder van het landhoofd.
  • Als dubbele basculebrug, met aan beide oevers een basculebrug (voorbeelden: Spijkerbrug in Middelburg, Lange IJzerenbrug in Dordrecht, Tower Bridge in Londen).
  • Als Straussbrug: contragewicht boven het wegdek en bediening via drijfstangen, waardoor het op een ophaalbrug lijkt.
  • Als staartbrug: contragewicht boven het wegdek met een langgerekte vorm.
  • Als rolbasculebrug (Scherzer- of wiegbrug): kwadrant dat over een rolbaan loopt in plaats van een vast draaipunt.
  • In bijzondere uitvoeringen zoals de Spanjaardsbrug met hydraulische cilinder aangedreven door het waterleidingnet.

Aandachtspunten

  • Plaatsing van ballastarm en ballast bevindt zich doorgaans in de basculekelder in het landhoofd.
  • Het rondsel en de kwartcirkel-tandbaan vormen het draaimechanisme; deze componenten kunnen erg groot zijn.
  • Correct uitbalanceren van ballastgewicht en brugklep is kenmerkend en noodzakelijk voor functionele bediening.
  • Bij rolbasculebruggen zorgt het kwadrant op een rolbaan voor snellere en grotere openingshoeken dan bij traditionele typen.
  • Hydraulische bediening, zoals bij de Spanjaardsbrug, kan bevriezing van het water in de cilinder vereisen (historisch opgelost door aftappen of later elektrische verwarming).

Werking / principe

  • Het rondsel, bevestigd aan het uiteinde van het contragewicht, loopt over een tandbaan van een kwart cirkel.
  • De brug roteert om de horizontale as langs het tandrad; door de balans tussen contragewicht en brugklep bewegen beide "verticaal".
  • Bij een rolbasculebrug vervangt een kwadrant met rolbaan het vaste draaipunt, waardoor de brug anders beweegt en voordelen biedt in openingssnelheid en -hoek.

Typen / uitvoeringen

  • Enkele basculebrug: één brugklep met contragewicht in het landhoofd.
  • Dubbele basculebrug: basculebruggen aan beide zijden van een rivier, vaak gecombineerd met bovenbouwconstructies.
  • Straussbrug: contragewicht boven het wegdek en bediening met drijfstangen (soort ophaalbrug).
  • Staartbrug: contragewicht boven het wegdek met langgerekte configuratie.
  • Rolbasculebrug (Scherzerbrug/wiegbrug): rolend kwadrant in plaats van vast draaipunt; patent en ontwikkeling door William Scherzer (1894).
  • Hydraulische uitvoering (bijv. Spanjaardsbrug): cilinder aangedreven met waterleidingdruk, met historische oplossing voor vorstgevaar.

Voorbeelden

  • Tower Bridge, Londen (dubbele basculebrug).
  • Spijkerbrug, Middelburg (dubbele basculebrug).
  • Lange IJzerenbrug, Dordrecht (dubbele basculebrug).
  • Deelconstructies en schema's van de Berlagebrug en de Erasmusbrug zijn als bascule-achtige elementen beschreven.