Beek
Een beek is een smal, ondiep, meer of minder natuurlijk stromend water dat overal doorwaardbaar is.
Betekenis
Een beek is een kleine, ondiepe waterloop met doorgaande stroming die vanuit een oorsprong stroomafwaarts voert en meestal uitmondt in een grotere beek of rivier. Beken kunnen soms droogstaan en kennen door hun lage waterstand vaak beperkte bevaarbaarheid.
Toepassing
Beken komen voor in natuurlijke en halfnatuurlijke landschappen.
- Leiden water af vanaf een bron of hoger gelegen gebied naar grotere waterlopen.
- Vormen verbindingen tussen lokale waterhuishoudkundige elementen.
- Fungeren bij lage waterstanden vaak als enkel bevaarbare waterlopen voor kleine bootjes.
- Kunnen tijdelijk ondoorvaarbaar zijn door droogte of obstakels.
Aandachtspunten
- Rekening houden met de mogelijkheid dat een beek (tijdelijk) droogvalt.
- Bij lage waterstand is bevaarbaarheid doorgaans beperkt tot kleine vaartuigen of afwezig.
- Snelstromend water, obstakels en omgevallen bomen kunnen doorgang en bevaarbaarheid belemmeren.
- Een beek mondt meestal stroomafwaarts uit in een grotere beek of rivier.
Kenmerken
- Breedte en diepte: over het algemeen smal en ondiep.
- Natuurlijkheid: meer of minder natuurlijk van aard.
- Toegankelijkheid: overal doorwaardbaar; beken zijn vaak niet geschikt voor grotere schepen.