Cellenbeton
Cellenbeton is een poriënrijk, steenachtig materiaal met ongeveer 80% luchtcellen, dat licht, isolerend en brandwerend is.
Betekenis
Cellenbeton is beton met luchtbellen (cellen) die circa 80% van het volume beslaan; daardoor is het aanzienlijk lichter dan normaal beton en tegelijk warmte-isolerend, warmte-accumulerend, brandwerend en poriënrijk maar toch met steenachtige eigenschappen.
Toepassing
Cellenbeton wordt toegepast als grote bouwblokken en als bouwelementen voor zowel niet-dragende als dragende wanden.
- Opbouwen van binnen- en buitenmuren (buitenmuren altijd isoleren aan de buitenzijde en pleisteren).
- Renovaties, onder andere voor isolatie van binnengevels.
- Gewapende cellenbetonelementen voor dragende wanden (elementdikte typisch 150–350 mm).
- Lateien en speciale vul-lateien voor toepassing boven openingen.
Aandachtspunten
- Opslag: blokken mogen niet onbeschermd worden opgeslagen vanwege waterabsorptie.
- Buitenblad in een spouwmuur: niet toepassen als onbeschermd buitenblad.
- Verbindingsvoegen: voorkeur voor lijmmortel en bij voorkeur tand-en-groef uitvoering voor betere aansluiting.
- Bevestiging: pluggen voor cellenbeton zijn bedoeld voor lage belastingen; rekening houden met beperkte slijtvastheid.
- In bepaalde constructies: voegwapening (bijvoorbeeld Murfor) benodigd, bijvoorbeeld bij vloer- en plafondovergangen.
Uitvoering / fabricage
- Ingrediënten en verhoudingen (circa): kwartszand ~65%, cement ~20%, kalk ~15%, aluminiumpoeder ~0,05% en water.
- Chemische reactie die waterstofbellen produceert: 2 Al + 3 Ca(OH)2 + 6 H2O -> 3 CaO • Al2O3 • 6 H2O + 3 H2
- Productieproces: waterstofbellen ontstaan in de specie; lucht verdringt de waterstof en vult de cellen; mengsel wordt in mallen gegoten en daarna verhit in verzadigde stoom (autoclave) tot 180–190 °C onder ongeveer 10–12 bar gedurende circa 6–12 uur; nabehandeling kan frezen en zagen zijn.
Materialen / uitvoeringsvormen
- Ongewapende blokken (bouwblokken) voor dragende en niet-dragende wanden; grotere eenheden mogelijk door licht gewicht.
- Gewapend cellenbeton als bouwelementen of cascobeton voor dragende wanden.
- Lateien en vul-lateien met specifieke codering en afmetingen (voorbeelden in de productcodering).
- Mogelijkheid tot bewerking: eenvoudig schrapen en kerven voor beeldhouwwerk.
Mechanische eigenschappen
- Volumieke massa (droog): circa 300–800 kg/m3 (ter vergelijking normaal beton ca. 2400 kg/m3).
- Druksterkte: circa 2–6 N/mm2.
- Warmtegeleidingscoëfficiënt: ongeveer 0,15 W/mK.
- Geluidsisolatie: redelijk.
- Schuifspanning: CC3/500 t = 0,07 N/mm2; CC4/600 t = 0,10 N/mm2.
- Elasticiteitsmodulus: CC3/500 Ec = 1750 N/mm2; CC4/600 Ec = 2250 N/mm2.
Aanduiding / klasse-indeling
Diverse series en coderingen bestaan om druksterkte, volumieke massa en diffusiegetal aan te geven; voorbeelden uit productreeksen:
- Blokken, C-serie:
- C2/400: druksterkte 2 N/mm2; vol. massa droog 350–399 kg/m3; diffusiegetal μ = 4
- C3/450: druksterkte 3 N/mm2; vol. massa 400–499 kg/m3; diffusiegetal μ = 5
- C4/550: druksterkte 4 N/mm2; vol. massa 500–599 kg/m3; diffusiegetal μ = 5
- C5/650: druksterkte 5 N/mm2; vol. massa 600–650 kg/m3; diffusiegetal μ = 6
- G-serie (voorbeeld Ytong):
- G2/300: druksterkte > 2 N/mm2; vol. massa < 300 kg/m3
- G2/400: druksterkte > 2 N/mm2; vol. massa < 400 kg/m3; μ = 4
- G4/600: druksterkte > 4 N/mm2; vol. massa < 600 kg/m3; μ = 5
- G5/800: druksterkte > 5 N/mm2; vol. massa < 800 kg/m3; μ = 6
- Gewapende blokken, CC-serie:
- CC3/500: druksterkte 3 N/mm2; vol. massa 400–499 kg/m3; μ = 5
- CC4/600: druksterkte 4 N/mm2; vol. massa 500–600 kg/m3; μ = 6
- Voor lateien (Ytong): codevorm Lnn-nnnn; voorbeeld L20-3000 betekent lengte 3000 mm, hoogte 250 mm en dikte (breedte) 240 mm.
- Vul-lateien (voorbeeld U300/500): hoogte 300 mm, lengte 500 cm en bijvoorbeeld 250 mm dikte.
Voordelen
- Goede brandwerendheid.
- Eenvoudige plaatsing door lage massa en blokvorm.
- Redelijke warmte-isolatie en warmte-accumulatie.
- Redelijke geluidsisolatie.
- Mogelijkheid tot grootformaat bouw en eenvoudige bewerking voor vormgeving.
Nadelen
- Lage slijtvastheid.
- Gevoeligheid voor vocht: opslag en detaillering daarop afstemmen.