Impregneren

Impregneren is het doordrenken van een poreuze vaste stof om deze waterafstotend, duurzamer of minder brandbaar te maken.

Betekenis

Impregneren is het doordrenken van een poreuze vaste stof met een impregneermiddel zodat het materiaal verduurzaming, vochtwering of brandvertragende eigenschappen krijgt. Het middel dringt een eindje in het materiaal en wordt aangebracht door te spuiten, te strijken (kwast) of te vloeien; soms ook door injecteren.

Toepassing

Impregneren wordt toegepast om materialen te beschermen of eigenschappen te wijzigen.

  • Waterafstotend maken van buitenmuren en gevels (hydrofoberen)
  • Tegen optrekkend vocht via injecteren in muren
  • Verduurzamen van hout door drukimpregnatie
  • Beton impregneren om indringen van vloeistoffen te beperken en reinigbaarheid te verbeteren
  • Beschermen van natuursteen en baksteen tegen vocht, vuil, mos en vorstschade
  • Impregneren van textiel
  • Verminderen van brandbaarheid van materialen

Aandachtspunten

  • Afhankelijkheid van ondergrond en omstandigheden: het effect varieert met materiaal (baksteen, beton, hout e.d.) en toepassing (buitenmuur, fundering, kelder, oud of nieuw metselwerk).
  • Keuze van applicatiemethode: spuiten, strijken (kwast met goed aandrukken) of vloeien; injecteren is mogelijk bij optrekkend vocht.
  • Dampdoorlatendheid: vaak is gewenst dat een gevel waterafstotend maar toch dampopen blijft, zodat waterdamp kan ontsnappen.
  • Productvorm en verwerking: crèmes hoeven meestal niet afgeplakt te worden, zijn nauwkeuriger en prettiger bij werken boven het hoofd; het melkachtig-witte uitzicht van een crème verdwijnt in enkele uren tot circa een dag.
  • Gevaren bij houtimpregnatie: drukgeïmpregneerd hout bevat vaak schimmelwerende middelen en mag, wegens kankerverwekkende stoffen, niet met menselijke huid in contact komen; dezelfde schadelijkheid geldt ook voor dierlijke huid en bijvoorbeeld vissen in contact met geïmpregneerd hout.

Materialen / uitvoeringsvormen

  • Crème versus vloeistof: crèmes zijn eenvoudiger en nauwkeuriger aan te brengen zonder afplakwerk; vloeistoffen worden vaak gebruikt voor dieper indringende toepassingen.
  • Injecteren: gebruikt om optrekkend vocht in muren aan te pakken door het middel in te brengen in de constructie.
  • Drukimpregnatie (hout): hout wordt in een onder druk staande ketel behandeld met een verzadigd, schimmelwerend middel voor verduurzaming.

Impregneren van beton

  • Doel: verminderen van gevoeligheid voor indringing van water en vloeistoffen en vergemakkelijken van reiniging.
  • Middelen: silanen zijn geschikt voor alkalische bouwmaterialen met een fijne molecuulstructuur zoals beton; silanen reageren chemisch met het bouwmateriaal en vormen siliconen die de waterafstotende werking geven. Ook siloxanen zijn geschikt voor beton.

Impregneren van bakstenen buitenmuur

  • Effecten: voorkomt dat vocht in de steen dringt, houdt de gevel droger terwijl waterdamp kan ontsnappen; vermindert vuilaannlag omdat regen vuil wegspoelt; beperkt mos- en algengroei en vermindert kans op vorstschade.
  • Nadelige effecten: watergedragen hydrofobeermiddelen kunnen zouten in de gevel activeren, wat na droging zoutuitbloeiingen kan veroorzaken.

Impregneren van natuursteen en vloeren

  • Doel: voorkomen van indringen van water, vet en olie om vlekvorming te verminderen en reiniging te vergemakkelijken.