Kalksteen

Kalksteen is een sedimentaire natuursteen bestaande hoofdzakelijk uit calciumcarbonaat, met kleurvariaties door mineralen en ijzerverbindingen.

Betekenis

Kalksteen is een sedimentaire natuursteen die hoofdzakelijk uit calciumcarbonaat (CaCO3) en aanvullende mineralen bestaat. Zuivere kalksteen is doorgaans wit of lichtgrijs; gele tot bruingele tinten duiden op vermenging met ijzerverbindingen. Sommige polijstbare kalksteensoorten worden in de praktijk aangeduid als "marmer", hoewel marmer strikt genomen een metamorfe kalksteen is.

Toepassing

Kalksteen kent zowel bouwkundige als industriële toepassingen.

  • Gebruiken als stoepsteen, vensterbank, drempel en vloertegel.
  • Gevelbekleding en speklaag (witte kalksteen).
  • Blauwegrijze hardsteen toegepast voor stoepsteen, vensterbank, drempel, vloertegel en gevelbekleding.
  • Grondstof voor cement: de Nederlandse cementindustrie gebruikt jaarlijks ruim 2,5 miljoen ton kalksteen.
  • Gemalen kalksteen voor industriële doeleinden: kalkmeststof, mengvoederindustrie, papierindustrie, rookgasontzwaveling en vulstof; ongeveer een half miljoen ton per jaar.
  • Materiaal voor restauraties van historische gebouwen.

Aandachtspunten

  • Ga na of reinigen en beschermen van de bestaande steen mogelijk is in plaats van vervanging.
  • Houd rekening met de weerbestendigheid per soort; niet alle kalksteensoorten zijn geschikt voor buitengebruik of intensief belopen vloeren en trappen.
  • Laat sommige winplaatsen- en natte stenen (bijv. bepaalde Anstrude-varianten) buiten minstens een jaar staan om bergwater kwijt te raken voordat ze buiten worden toegepast.
  • Vermijd meer open of schelprijke gedeelten (bijvoorbeeld bij Balegemse steen) tenzij deze goed verkit of verhard zijn.
  • Het verbod op het toepassen of bewerken van zandsteen om gezondheidsredenen heeft het gebruik van kalksteen bevorderd.
  • Wees terughoudend met de aanduiding "marmer" voor polijstbare kalkstenen; dit is strikt genomen onjuist.

Kalksteensoorten

  • Anstrude

    • Witte kalksteen gewonnen ten zuidoosten van Parijs (Frankrijk).
    • Opgebouwd uit oölieten (bolletjes van kalk) en crinoïden, samengegroeid door kristallijn calciet.
    • Buiten toepassen: minstens een jaar laten staan om bergwater kwijt te raken; dan niet meer vorstgevoelig.
    • Alleen Anstrude jaune claire en Astrude blanc zijn goed weerbestendig.
    • In grote afmetingen verkrijgbaar.
    • Niet aan te bevelen voor vloeren en trappen; slijt snel en ongelijkmatig.
    • Wordt toegepast als vervanger van onder andere Baumberger en Ledesteen.
  • Balegemse steen (Lede, Ledesteen: soms Balegemsteen of Gentse steen)

    • Zandige soort kalksteen, geelachtig met in de harde kern een donkerder/blauwachtige kleur.
    • Kwartshoudend, groenachtig bruin of blond, vaak met duidelijk horizontaal lager en plaatselijk vrij grote schelpen.
    • Gevonden in schollen met een harde kern tussen zandlagen; kern vaak blauwachtig en zeer hard, onderscheiden door roestkleurige ringen.
    • Versteende groengele, gesloten gedeelten zijn bruikbaar; open, schelprijke gedeelten vermijden tenzij goed verkit.
    • Toepassingen: profielen, kolommen en hoekstenen.
    • Ook aangeduid als kalkhoudende zandsteen; Balegro ontgint de Balegemse steengroeve.
  • Baumberger kalksteen (Münstersteen)

    • Geelgroene, glauconiethoudende, zandige kalksteen uit de omgeving van Münster (Duitsland).
    • Door zachtheid en fijne korrel geschikt voor fijn, gedetailleerd beeldhouwwerk.
    • Kwaliteit wisselt per bank; in sommige gevallen niet weervast in het lokale klimaat.
    • Historisch gebruikt (ca. 1400–1600) in (noord-)oostelijke Nederlanden.
    • Anstrude (jaune claire) wordt als vervanger van Baumberger steen toegepast.
  • Brauvilliers

    • Witte tot crèmekleurige kalksteen uit het Département de la Meuse (Frankrijk).
    • Grondmassa gelijkmatig in structuur en kleur; breukvlak is ruw en korrelig.
  • Caensteen

    • Alleen geschikt voor toepassing binnenshuis.
    • Wordt gewonnen ten zuiden van Caen (tekst afgebroken in de bron).