Knelplank

Dak

Een knelplank is een plank bij de rieten dakvoet die het riet fixeert, beschermt en voor gecontroleerde afwatering zorgt.

Betekenis

Een knelplank is een plank geplaatst bij de rieten dakvoet die voorkomt dat het riet opwaait of beschadigt en die een goede afwatering garandeert. Door de knelplank loopt het riet verder voorbij de plank, waardoor water via het onderste riet naar beneden valt en niet langs de gevel stroomt.

Toepassing

De knelplank komt voor bij rieten daken en wordt gebruikt om het riet vast te zetten en te beschermen.

  • Bij de rieten dakvoet ter bescherming tegen opwaaien en beschadiging.
  • Als onderdeel van de constructieve knelling van het riet over de onderconstructie.
  • Als geventileerde overgang wanneer het dak een spouw of ventilatiebehoefte heeft.
  • Als alternatief kan een knijprol (biet- of strorol) of een muurplaat/voetplaat worden toegepast.

Aandachtspunten

  • Knelling van het riet moet 40–60 mm bedragen, afhankelijk van de verwachte windbelasting; de knelling dient aan de bovenzijde "arm" te worden uitgevoerd zodat geen hinderlijke spleet overblijft.
  • Het riet moet ongeveer 15 cm over de knelplank uitsteken, gemeten aan de binnenkant (onderkant).
  • Het overstek aan de binnenkant wordt doorgaans ongeveer 50 mm armer uitgevoerd dan aan de buitenkant.
  • De knelplank en het deel ervan dat naar de gevel loopt moeten voorzien zijn van ventilatieopeningen om ventilatie van het rieten dak mogelijk te maken.
  • Er bestaan geperforeerde knelplanken (bijv. van koper of aluminium) en roostervormen die knelplank en ventilatie combineren.

Materialen / uitvoeringsvormen

  • Knelplank (ook: knijpplank, voetplank) in hout of als geperforeerde metalen uitvoering (koper, aluminium).
  • Geperforeerde of roostervormige knelplanken bieden sterke ventilatie en worden toegepast bij spouwconstructies of waar extra luchttoevoer gewenst is.
  • Alternatief: knijprol (riet- of strorol, ook "wiep" genoemd) met een minimale diameter van circa 60 mm.

Afmetingen / knelling

  • Knelling: 40–60 mm (afhankelijk van windbelasting).
  • Rietoverstek: ongeveer 15 cm gemeten aan de binnenzijde (onderkant).
  • Binnenoverstek: circa 50 mm "armer" uitgevoerd dan het buitenoverstek om de breeuw schoner te houden.

Verschil met knellat

  • De knelplank bevindt zich bij de rieten dakvoet; de knellat is de lat aan de nok van een rieten dak en hoort bij de nokafwerking.