Relatieve vochtigheid
De relatieve vochtigheid is de verhouding tussen de aanwezige waterdamp en de maximale waterdamp die lucht bij die temperatuur kan bevatten.
Betekenis
De relatieve vochtigheid (RV) geeft aan welk deel van de maximaal mogelijke hoeveelheid waterdamp bij een bepaalde temperatuur daadwerkelijk in de lucht aanwezig is. RV is een verhouding tussen de absolute vochtigheid (AV, massa waterdamp per m3 lucht) en de verzadigingsvochtigheid (VV, maximale massa bij die temperatuur) en wordt vaak als percentage uitgedrukt.
Toepassing
De relatieve vochtigheid wordt gebruikt om condensatiegevaar, binnenklimaat en comfort te beoordelen.
- Bepalen van condensatiepunten bij ramen, muren en daken.
- Evalueren van binnenklimaat en comfort in woningen en kantoren.
- Beoordelen van ventilatie- en verwarmingsmaatregelen die de vochtbelasting veranderen.
- Analyseren van keldervocht en risico op inwendige condensatie in constructies.
Aandachtspunten
- Houd rekening met de temperatuur: warme lucht kan meer waterdamp bevatten dan koude lucht.
- Controleer koude oppervlakken eerst: de maximale vochtbelasting wordt het eerst bereikt op het koudste punt (bijv. oud dubbelglas, metalen dorpel, koudebrug).
- Ventilatie kan de RV sterk verlagen als koude buitenlucht wordt verwarmd zonder vochttoevoer.
- Een RV dichtbij 100% leidt tot condensatie of mist; een RV rond 40–70% wordt doorgaans als behaaglijk ervaren.
- Bewonersactiviteiten (mensen, douchen, koken, drogende was) produceren typisch 5–10 liter water per huishouden per etmaal en verhogen de RV binnenshuis.
Werking / principe
RV wordt officieel ook beschreven als de verhouding tussen de dampspanning van de waterdamp in de lucht en de verzadigingsdruk (de maximaal mogelijke dampspanning) bij de heersende temperatuur. Omdat zowel AV als VV in massa-eenheden worden uitgedrukt, is de verhouding zonder eenheid; gebruikelijk is weergave als percentage of als getal tussen 0 en 1. Luchtdruk speelt in normale omstandigheden nauwelijks een rol.
Formules:
- RV = (AV / VV) × 100% (als percentage)
- RV = AV / VV (als getal zonder eenheid)
De temperatuur bepaalt de verzadigingsvochtigheid: bij afkoeling daalt de maximale waterdamp en kan dauwpuntbereiking en condensatie optreden.
Voorbeelden
- Bij 20 °C is de maximale hoeveelheid waterdamp 17,28 g/m3; bij RV = 50% bevat de lucht 0,50 × 17,28 = 8,64 g/m3.
- Voor 20 °C en 10 g/m3 waterdamp geldt: RV = 10 / 17,28 × 100% ≈ 58%.
- Bij 0 °C is de maximale hoeveelheid 4,84 g/m3; met 4,0 g/m3 is RV ≈ 4,0 / 4,84 × 100% ≈ 83%.
- Buitenlucht van 0 °C met 4,0 g/m3, verwarmd tot 20 °C zonder vochttoevoer, heeft RV ≈ 4,0 / 17,28 × 100% ≈ 23%.
- Buitenlucht 25 °C en RV 70% bevat 0,70 × 23,05 = 16,1 g/m3; aan een kelderwand van 15 °C (max. 12,85 g/m3) condenseert het overschot en treedt inwendige condensatie op.