Supermodernisme
Supermodernisme is een stroming in de bouwkunst (1995-heden) die nadruk legt op spectaculaire, opvallende en iconische gebouwen met een 'look-at-me' karakter.
Betekenis
Het Supermodernisme is een architectuurstroming sinds ca. 1995 die meer belang hecht aan het maken van een statement en het imponeren van de toeschouwer dan aan een traditionele, natuurlijke uitstraling. De uitstraling van het gebouw komt vaak voort uit de vorm en het dramatische karakter; technieken, computers en neon spelen daarin een rol, en de stroming vertoont verwantschap met High‑Tech-elementen.
Toepassing
Supermodernisme richt zich vooral op grotere utiliteitsgebouwen en opvallende openbare constructies.
- Kantoorgebouwen en hoofdkantoren
- Theaters en andere representatieve utiliteitsgebouwen
- Vliegvelden, stations, hotels en supermarkten
- Iconische bruggen en landmarks in stedelijke projecten
Aandachtspunten
- Minder aandacht voor menselijke schaal en gebruiksgerichtheid kan leiden tot focus op beeld en spectaclelementen.
- Vorm als uitstraling: de visuele impact ontstaat vaak uitsluitend door de vormgeving.
- Gebruik van speelse architectuur en nieuwe technieken vereist gespecialiseerde uitvoering.
- Een performatieve ontwerpinstelling is na circa 2010 duidelijker aanwezig bij sommige architecten.
Kenmerken
- Gericht op spektakel en imponeren: landmarks en iconische gebouwen met een "look at me"-houding.
- Speelsheid in vormgeving, soms mogelijk gemaakt door nieuwe technieken.
- Technische aspecten, computers en neon kunnen deel uitmaken van de expressie; High‑Tech-invloeden hoeven niet altijd zichtbaar te zijn aan de buitenzijde.
- Voornamelijk utiliteitsbouw: ook wel omschreven als "niet-plaatsen".
Relatie tot andere stromingen
- Het Supermodernisme wordt beschouwd als een vervolg op het Neomodernisme.
- Er bestaat overlap met High‑Tech-architectuur, waarbij techniek en spektakel belangrijk zijn.
- Vergelijkingen worden gemaakt met stromingen als Super Dutch vanwege het streven naar opvallende, herkenbare ontwerpen.
Voorbeelden
- Hoofdkantoor KPN (2000), gevel met een complete laag groene lampen die 's avonds boodschappen toont; architect Renzo Piano.
- Emmatoren in Groningen, een landmark in een laagbouwomgeving; Ringen architecten.
- Het ING House ("de schoen", ook wel "de poenschoen" of "klapschaats") in Amsterdam (2002), voornamelijk aluminium en glas; architecten Roberto Meyer van MVSA Architects en Jeroen van Schooten van Team V Architectuur; niet meer in gebruik door ING.
- Living Tomorrow in Amsterdam, architect Ben van Berkel (UNS, 2000–2003).
- Swiss‑Re gebouw in Londen, architect Norman Foster; opgeleverd in 2004.
- CCTV‑gebouw in Beijing, architecten Rem Koolhaas (OMA) en Ole Scheeren.