Bauhaus

Het Bauhaus was een Duitse school en beweging (opgericht 1919) die kunst, ambacht en techniek wilde verenigen tot één ontwerppraktijk.

Betekenis

Het Bauhaus was een architectuur- en vormgevingsacademie en een artistieke beweging die streefde naar de eenheid van architectuur, schilderkunst, beeldhouwkunst en industriële vormgeving; onderwijs en werkplaatsvoering moesten kunstenaars en handwerkslieden samenbrengen. Daardoor werden nieuwe pedagogische methoden en samenwerking tussen disciplines essentieel voor het ontwerp- en productieproces, met aandacht voor zowel ambacht als machinale productie.

Toepassing

Het Bauhaus functioneerde als onderwijsinstituut en als ontwerplaboratorium.

  • Onderwijzen van architectuur, schilderkunst, beeldhouwkunst, industriële vormgeving en toegepaste kunsten.
  • Ontwerpen van voorwerpen en gebouwen bedoeld voor massaproductie, van lampen tot woonhuizen.
  • Ontwikkelen van typografie, fotografie, decor- en kostuumontwerp en beweging/dans als onderdeel van het curriculum.
  • Realiseren van architectuurprojecten waarin moderne technieken zoals de gordijngevel werden toegepast.

Aandachtspunten

  • Wisselende directies en docentencolleges beïnvloedden de ontwikkeling van de school.
  • Politieke omstandigheden leidden tot verhuis en uiteindelijk sluiting van de school in 1933.
  • De verschuiving van ambacht naar samenwerking met de industrie kon leiden tot een sterke nadruk op functionaliteit.
  • Emigratie van docenten na sluiting verspreidde de ideeën internationaal.

Kenmerken

  • Idealiserend beeld van het handwerk als basis voor alle kunsten; onderwijs moest in de werkplaats geïntegreerd worden.
  • Opheffen van de scheiding tussen vrije en toegepaste kunst; kunstenaars en ambachtslieden werkten gezamenlijk.
  • Overgang van een Arts-and-Crafts-gericht ideaal naar de slogan "kunst en techniek, een nieuwe eenheid" (acceptatie van machinale productie).
  • Integratie van architectuur en beeldende kunsten in één schoolgebouw en één onderwijspraktijk.
  • Afwijzing van decoratie en traditioneel symmetrisch denken door modernistische ontwerpprincipes.
  • Vroege toepassing van moderne bouwtechnieken, onder meer de gordijngevel in Dessau (1925-1926).

Geschiedenis

  • 1919: Oprichting in Weimar door Walter Gropius als academie voor architectuur en vormgeving.
  • 1923: Programma gericht op eenheid van kunst en techniek; nadruk op industriële mogelijkheden.
  • 1925: Verhuizing naar Dessau; onderbrengen in het door Gropius ontworpen moderne gebouw "Bauhaus".
  • 1928: Gropius verlaat de school; Hannes Meyer wordt directeur maar zijn politiek gerichte aanpak leidde tot interne spanningen.
  • Vanaf 1930: Leiding door Ludwig Mies van der Rohe.
  • 1932: Verhuizing naar Berlijn.
  • 1933: Sluiting door de nazi's, die het Bauhaus als "entartet" bestempelden; veel docenten emigreerden naar de Verenigde Staten.

Invloed en opvolging

  • Verspreiding van Bauhaus-leraren en -ideeën naar de Verenigde Staten; Walter Gropius werkte er samen met Marcel Breuer.
  • Ludwig Mies van der Rohe werd directeur Architectuur bij het Illinois Institute of Technology in Chicago.
  • In Duitsland ontstond in 1953 de Hochschule für Gestaltung Ulm (HfG Ulm) die de Bauhaustraditie verderbracht en meer op design en bedrijfsamenwerking richtte; deze opleiding sloot in 1968.