Floatland, drijvend eilandje
Een floatland is een kunstmatig drijvend eilandje met semi-natuurlijke begroeiing voor kleinschalige natuurontwikkeling en rustplaatsen voor watervogels.
Betekenis
Een floatland is een drijvend eilandje met semi-natuurlijke begroeiing; het is een kunstmatig aangelegde drijftil die natuurfuncties biedt in wateren waar natuurlijke oevers ontbreken. Floatlands functioneren als rust- en nestplaatsen voor watervogels en andere watergebonden dieren en dragen bij aan het visueel verfraaien van waterlopen.
Toepassing
Floatlands worden toegepast voor kleinschalige natuurontwikkeling en vergroening van stedelijke of kunstmatige wateren.
- Bieden nest- en soms voedselgelegenheid voor eenden, meerkoeten, waterhoentjes, futen en andere waterdieren.
- Fungeren als veilige eilandjes bij hoge, rechte oevers en bij kanalen.
- Creëren schuil- en koelplekken voor vissen, vooral op warme dagen.
- Bieden plaats voor kikkers om eieren (kikkerdril) te leggen en voor insecten om zich te nestelen, afhankelijk van de plantenkeuze.
- Dienen als onderdeel van urban green in combinatie met plantsoenen, parken, groengevels en groendaken.
- Verfraaien saaie, brede kanalen en hoge singels en geven deze een natuurlijker uiterlijk.
Aandachtspunten
- Plaats floatlands niet direct aan de waterkant om betreding door honden en mensen te voorkomen en verstoring van dieren te beperken.
- Zorg voor planten die ook in de winter enige groenwaarde bieden, zodat het eilandje niet van oktober tot mei alleen uit kale takken bestaat.
- Voorzie in regelmatig onderhoud; floatlands vragen tijd en kosten voor beheer.
- Verwacht nauwelijks waterzuiveringseffecten behalve bij zeer grote oppervlaktes met specifieke waterzuiverende (helofyten)planten; afsterven van planten kan een positief effect tenietdoen.
- Houd rekening met de waterpeilschommelingen bij het verankeren; gebruik een ankerlijn die langer is dan de maximale afstand bodem–waterspiegel.
Constructie / uitvoering
Belangrijke ontwerpeisen voor een functionele floatland:
- Bodem met open structuur zodat planten kunnen wortelen in het water.
- Voldoende stevigheid om invloed van golfslag en lokale waterdynamiek te weerstaan.
- Draagvermogen dat de toenemende biomassa kan dragen.
- Genoeg aanhechtingspunten voor gewassen en planten.
- Toegankelijkheid voor dieren: geen afrastering rondom.
- Geen vaste verbinding met de bodem van het water.
Praktische aandachtspunten bij plaatsing:
- Veranker de floatland aan de bodem, maar houd rekening met stijgen en dalen van de waterspiegel; gebruik voldoende lengte aan ankerlijn.
- Voorkom dat de floatland aan wal kan spoelen of vastlopen, zodat dieren en planten beschermd blijven.
- Bij omvangrijke floatlands (bijv. groter dan 5×5 m) moet er minimaal 50 cm water blijven tussen het eiland en de waterbodem om rot van onderliggende vegetatie te voorkomen; bij langwerpige floats is dit probleem minder uitgesproken door betere stroming en lichttoetreding.
Materialen / uitvoeringsvormen
Floatlands kunnen uit verschillende materialen en bouwprincipes worden opgebouwd:
- Sandwichconstructies van gaas gevuld met (al dan niet dood) plantenmateriaal, kokosmatten of kunstmatige substraten zoals steenwol.
- Drijfmatten van wilgentenen.
- Kunststofmodules als drijflichaam.
Bij de materiaalkeuze speelt onder andere het gewenste wortelklimaat, het draagvermogen en de duurzaamheid een rol.
Onderhoud
- Plan periodiek onderhoud; controleer bevestigingen, toestand van de planten en de drijfconstructie.
- Vervang of diversifieer beplanting om ook in wintermaanden volop structuurelementen te behouden.
- Houd rekening met tijds- en kostenaspecten bij beheer van meerdere of omvangrijke floatlands.
Dieren en biodiversiteit
- Bieden nesting- en rustplaatsen voor watervogels en onderdak voor kleine waterdieren.
- Creëren schuilplaatsen en koelzones voor vissen.
- Faciliteren voortplanting van amfibieën zoals kikkers (kikkerdril onder het eiland).
- Ondersteunen insectenpopulaties afhankelijk van de plantensoort en -structuur.