Mergel

Mergel is een sedimentair kalkhoudend gesteente dat in ondiepe zeeën tijdens het Laat-Krijt als laag kalksteen werd afgezet.

Betekenis

Mergel is een natuursteen en afzettingsgesteente dat in de laatste periode van het Krijt in ondiepe zeeën is gevormd als een laag kalksteen. De samenstelling varieert per locatie en bevat kalk gemengd met klei, leem of zand; daardoor bestaan varianten als kalkmergel en kleimergel.

Toepassing

Mergel wordt voor uiteenlopende doeleinden gebruikt.

  • Bouw: zachte, fijnkorrelige geelwitte mergel wordt toegepast voor decoratieve elementen en bouwsteen, onder meer bij restauraties.
  • Landbouw: mergel met groot kalkbestanddeel kan als kalkmateriaal op land worden verspreid.
  • Industrie: mergel wordt nog gebruikt bij de productie van cement, hoewel er naar vervangers wordt gezocht.

Aandachtspunten

  • Gevoeligheid voor erosie neemt toe wanneer klei deel uitmaakt van de mergel en bij hoge porositeit.
  • Zachte mergel neemt gemakkelijk vocht op; bij vorst kan de buitenste laag loskomen (delaminatie).
  • Bij langdurige vochthouding treedt begroeiing met mos op; dat kan een beschermende huid en gipskorst vormen, maar ook verzwakking geven.
  • Behandelingen met waterglas kunnen de huid afsluiten en later tot afstoting van de buitenlaag leiden.
  • Tekenen van verwering omvatten insectgangen, wespengaten en slijtage door vogels; harde varianten zoals Kunrader steen zijn beter weerbestendig.

Eigenschappen

  • De meest bekende bouwmergel bevat ongeveer 91–98% kalk en circa 2–9% zand.
  • Drukvastheid van mergel ligt rond 25 kgf/cm² (ongeveer 2,5 MPa).
  • Mergel is vettig en zeer vruchtbaar als grondsoort.
  • Door poreus karakter kan mergel condensvorming tegengaan en enige geluidswering bieden.
  • Natuurlijke samenstelling zonder ziekmakende additieven wordt als voordeel genoemd.

Typen en namen

  • Kalkmergel: mergel met overheersend kalkgedeelte.
  • Kleimergel: mergel met een relatief groot aandeel klei.
  • Keimergel: term voor kalkrijke keileem.
  • Eerdmergel: kalkhoudende löss.
  • Sibbe: mergelsteen uit de Sibbergroeve (Zuid-Limburg), homogeen en bestand tegen weersinvloeden, gebruikt bij bouw en restauratie.
  • Tauw: overgangsgesteente tussen Maastrichtersteen (een mergelsoort) en silex.
  • Maastrichtersteen en Kunrader steen: genoemde mergelsoorten met verschillen in hardheid en weerbestendigheid.

Winning en mergelgroeven

  • Zuid-Limburgse en Belgische mergelgroeven kennen omvangrijke gangenstelsels; deze door mensen uitgehaalde ruimtes worden groeven genoemd en niet echte grotten.
  • Sibbe wordt gewonnen in de Sibbergroeve; blokken mergel worden lokaal als bouwsteen en voor restauratie gebruikt.

Etymologie

De term mergel is ontleend aan middeleeuws Latijn margila, teruggaand op een Keltisch woord (bijv. Gallisch margila); historisch werd mergel ook door Kelten en later gebruikt als bemestingsmateriaal.