Ozendrop

Dak

Een ozendrop is de smalle ruimte tussen vaak oude, diepe gebouwen waarheen dakwater langs de zijgevel wordt afgevoerd.

Betekenis

Een ozendrop (ook: drop) is de smalle ruimte tussen meestal oude, vaak diepe en stedelijke gebouwen, bedoeld om hemelwater langs de zijgevel af te voeren. Historisch waren ozendroppen circa een halve meter breed; de nog bestaande exemplaren variëren van zo smal dat er geen kat door kan tot zo breed dat het op een smal steegje lijkt. De bodem werd onder licht afschot bestraat, bijvoorbeeld met porfierkeien, zodat het water kon weglopen.

Toepassing

De ozendrop kwam en komt voor in bebouwde stedelijke situaties.

  • Afvoeren van hemelwater langs de zijkant van het gebouw naar straat of achterliggende gracht.
  • Fungeren als brandgang, waardoor vuur minder snel naar het buurpand overslaat, vooral bij houten huizen.
  • Dienen als achterom of smalle steeg bij bredere ozendroppen.
  • Afvoeren van rook via een rookgat of het vergemakkelijken van vegen via een veegluikje in de muur.

Aandachtspunten

  • Soms te smal om praktisch te gebruiken als achterom.
  • Bron van burenruzies bij onderhoud of bij het plaatsen van materialen in de ozendrop.
  • Toegankelijkheid voor ongewenste bezoekers via het gangetje.
  • Plaatselijk misbruik, bijvoorbeeld als plaats om te ontwateren in de nabijheid van cafés.
  • Veel ozendroppen werden afgesloten met een deur, plank (kattenplank) of metselwerk om hinder te beperken.

Materialen / uitvoeringsvormen

  • Verharding met porfierkeien of gelijkwaardige bestrating onder licht afschot om afwatering te waarborgen.
  • Bij het verschijnen van vaste dakgoten (vaak bakgoten) werden ozendroppen soms "ingepalmd" en verloor de ruimte deels zijn oorspronkelijke functie.

Terminologie en herkomst

  • Het woord kent vele lokale varianten: osendrop, oosendrop, druipstrook, druipgoot, druipgang, druipruimte, hoosdrup, hozendrop, huisdrop, huysdrup, kattensteegje, kattenzijd(je), ozendroop, oosdrup; in het Fries en Oostfries bestaan ook vormen als oosdrup, uisdrip, ôsedrüppe.
  • De term is mogelijk afgeleid van hozen (hard regenen) en druipen.
  • Vergelijkbare termen: wachtgevel, gemene muur.
  • De ozing (euzing, hozing) is het onderste, over de muur uitstekende deel van een dak waaronder geen goot is; het daarvandaan afdruipende water stond in relatie tot de ozendrop.

Historiek / gebruik in bronnen

  • De term "drop" komt veel voor in notariële akten; in bronnen uit de 17e tot 19e eeuw lijkt "drop" algemener gebruikt te zijn dan vormen als "ozendrop" of "osendrop".
  • Ozendroppen zijn waardevol voor de bouwhistorie omdat zij vaak originele zijgevels blootleggen die minder zijn aangepast dan voorgevels.