Parketvloer allerlei

Overzicht van typen, eigenschappen en onderhoud van parketvloeren en parketachtige (zwevende) vloersystemen.

Betekenis

Parketvloer allerlei is een verzamelterm voor de verschillende uitvoeringen van houten vloeren en parketachtige systemen, van mozaïek en strokenparket tot massieve planken en lamelvloeren. Deze vloeren verschaffen karakter en zijn verkrijgbaar in uiteenlopende patronen, diktes en afwerkingen, met elk eigen voor- en nadelen.

Toepassing

Parketvloeren worden toegepast in woon- en leefruimtes en kunnen zowel traditioneel verlijmd als zwevend worden gelegd.

  • Mozaïekpanelen direct verlijmen op cement- of betonondergrond.
  • Stroken- en tapisparket schuren en afwerken na plaatsing, vaak op spaanplaat of multiplex gelijmd en gespijkerd.
  • Massieve plankenvloeren zowel ter plaatse behandelen als fabrieksmatig voorbehandeld plaatsen; mogelijk zwevend leggen.
  • Bamboeparket gebruiken waar minder gevoeligheid voor luchtvochtigheid gewenst is.
  • In huurwoningen eerst toestemming vragen aan de woningbouwvereniging voordat een houten vloer wordt gelegd.

Aandachtspunten

  • Parket vereist regelmatig onderhoud; zonder periodieke behandeling ontstaan zichtbare slijtage en kleurverschil (bijvoorbeeld elk jaar of elk twee jaar).
  • Vloerverwarming is in de praktijk alleen mogelijk bij tapisvloeren en dan zonder spaanplaatondervloer.
  • Afhankelijk van de afwerklaag verschillen herstelmogelijkheden: laklagen vereisen vaak geheel schuren en opnieuw lakken bij beschadiging; wax-olie laat plaatselijk bijwerken toe.
  • Keuze van ondervloer en bevestigingswijze afhangen van type parket en draagvloer (cement/beton versus houten ondergrond).

Soorten parket

  • Mozaïekvloer: smalle strookjes hout op netnylon tot platen van circa 30 × 30 cm; direct verlijmen op cement of beton; op houten ondergrond vereist een tussenvloer (spaanplaat diagonaal).
  • Strokenvloer (strokenparket): doorgaans 22 mm dik, stroken van 6–7 cm breed en ongeveer 1 m lang; na leggen schuren en afwerken met lak, olie of was.
  • Tapisparket: korte strookjes (genoemd 6–10 mm dik in de beschrijving) die in patronen te leggen zijn; op spaanplaat of multiplex naadloos gelijmd en gespijkerd.
  • Wenervloer: variant van strokenvloer met korte planken gelegd onder een hoek van 45°, eindverbindingen vaak in verstek of visgraat/keperverband.
  • Bamboeparket: parketsoort met dichte structuur, relatief minder gevoelig voor luchtvochtigheid.
  • Bourgognevloeren / boerenvloeren: geleverd in circa 9,3 mm dikte, meestal variabele breedtes 9–15 cm; grotere breedtes (bijv. 17–19 cm) mogelijk tegen meerprijs.
  • Patroonvloeren: klassieke visgraat of blokpaneelvloeren en diverse rand- en middenpatronen in verschillende houtsoorten.
  • Massieve plankenvloeren: planken met veer- en groefsysteem, geschikt voor plaatselijke behandeling of fabriekspretreat; indien zwevend gelegd ook verhuisbaar.
  • Lamelvloeren: gelaagde houtenvloeren, meestal samengesteld uit drie stroken per lamel; ook leverbaar in breedstrooklamel.

Onderhoud van parket

  • Reiniging: stofzuigen en af en toe afnemen met een vochtige doek.
  • Periodieke nabehandeling: opnieuw behandelen met was, lak of olie om de paar jaar, afhankelijk van gebruiksintensiteit.
  • Specifieke afwerkingen:
    • Was: regelmatig opboenen met een boenmachine.
    • Lak: onderhoud eenvoudig, maar bij een kras is doorgaans schuren en opnieuw lakken van de hele vloer noodzakelijk.
    • Wax-olie: biedt bescherming vergelijkbaar met lak, geeft een natuurlijkere uitstraling, maakt plaatselijk bijwerken mogelijk en is gebruiksvriendelijk; bij voorkeur milieuvriendelijk.
  • Geoliede vloeren vragen meer onderhoud dan gelakte vloeren.

Eisen / regelgeving

  • In huurwoningen: vooraf toestemming vragen aan de woningbouwvereniging voordat een houten vloer wordt geplaatst.

Afmetingen / doorsneden (uit de praktijk)

  • Mozaïekpanelen: circa 30 × 30 cm.
  • Strokenparket: circa 22 mm dik, stroken 6–7 cm breed en ~1 m lang.
  • Tapisparket: korte strookjes, beschreven met 6–10 mm dikte.
  • Bourgognevloeren / boerenvloeren: circa 9,3 mm dikte; breedtes doorgaans 9–15 cm, ook leverbaar in 17–19 cm.