Schop
Een schop is een handgereedschap om te graven of los materiaal te scheppen en te verplaatsen.
Betekenis
Een schop is een handgereedschap met een stalen blad en een houten of ander materiaal steel, bestemd om te graven of los materiaal te scheppen en te verplaatsen; het blad heeft vaak een middenverhoging of geul. De steel is soms licht gebogen om het dragen van aarde of zand te vergemakkelijken.
Toepassing
De schop wordt gebruikt voor grondwerk en het verplaatsen van los materiaal.
- Scheppen en verplaatsen van aarde, zand en ander los materiaal.
- Dienen als ballastdrager voor los materiaal.
- Uitvoeren van algemeen graafwerk waar geen zwaar spitwerk vereist is.
- Gebruik van rondere schoppen (vaak 'schep' genoemd) bij werk waarbij opstaande randen gewenst zijn.
Aandachtspunten
- Controleer de snijkant van het blad op slijtage; sommige bladen zijn naar de snijkant toe dunner of hebben een V- of zaagtandvorm om wortels te doorklieven.
- Kies een steellengte (meestal 90–120 cm) afhankelijk van de lichaamslengte en het soort werk.
- Gebruik essenhouten stelen voor sterkte en enige flexibiliteit.
- Let op de handgreepvorm: T-vorm komt vaak voor bij schoppen, D-vorm biedt doorgaans betere grip bij spaden.
- Houd rekening met hybride schoppen/spaden wanneer zowel schep- als spadewerk verwacht wordt.
Onderdelen
- Blad: meestal van roestvrij staal of gehard staal, voorzien van een snijkant en vaak een geringe middenverhoging.
- Steel: meestal essenhout vanwege de combinatie van sterkte en meebuigen.
- Handgreep (heft of kruk): vaak T-vormig; bij spaden soms D-vormig voor betere grip.
- Dul of veer: de steelhouder in het staal; bij schoppen meestal kort (dul), bij spaden langer met zijveren vanwege hogere krachten.
Materialen / uitvoeringsvormen
- Bladen zijn doorgaans van rvs of gehard staal; vormen van de snijkant variëren (recht, V-vorm, zaagtand).
- Stelen zijn meestal van essenhout.
- Er bestaan hybride types schop/spade (steviger schoppen die ook spadewerk aankunnen), vaak aangeduid als 'Ladies'.
Afmetingen / doorsneden
- De gebruikelijke lengte van schop en spade ligt tussen 90 en 120 cm, afhankelijk van de lengte van de gebruiker en het soort werk.
Typen / uitvoeringen
Voorbeelden van uitvoeringstypen die voorkomen:
- ballast- en graanschop
- bats (regionale benaming gerelateerd aan de middenverhoging)
- betonschop
- boomspade
- drainagespade
- ergonomische spade
- opruimschep
- puntschop
- sneeuwruimer
- verplantspade
- vouwschep
Verschil met spade
- Bladvorm: een spade heeft een meer rechthoekig en smal blad met vrijwel rechte onderzijde; een schop heeft vaak een lichte ronding en een middenverhoging.
- Gewicht en toepassing: een spade is zwaarder en geschikter voor spitten, verpoten en het graven van grotere gaten; een schop is meer gericht op scheppen en verplaatsen van los materiaal.
- Constructie: spaden hebben meestal een langere, stevige veer (dul) en vaak een D-vormige handgreep zodat meer kracht kan worden uitgeoefend.
Engelse term: shovel.
Cultureel gebruik: de eerste schop in de grond is bekend uit 'breaking ground' of 'groundbreaking' ceremonies.