Kruiskerk

Een kruiskerk heeft een plattegrond in de vorm van een kruis met een middenbeuk en twee dwarsbeuken.

Betekenis

Een kruiskerk is een kerk waarvan de plattegrond een kruisvorm heeft, doorgaans met een lange middenbeuk en twee korte dwarsbeuken. Het overlappende gedeelte van middenbeuk en dwarsbeuken wordt de viering genoemd. Vaak betreft het gotische kerken.

Toepassing

De kruiskerkvorm komt voor in verschillende historische kerkgebouwen.

  • Vormgeven van plan en zichtlijnen door een lange middenbeuk en korte dwarsbeuken.
  • Creëren van een centrale viering waar beukkruisingen samenkomen.
  • Integratie van zijbeuken en straalkapellen rond de kruisvorm.

Aandachtspunten

  • Viering: herken de viering als het overlappende kruispunt van midden- en dwarsbeuken.
  • Terminologie: het dwarsschip wordt ook wel transept genoemd.
  • Uitvoering: bij onvoltooid schip kan de toren los van het kerkgebouw staan, zoals bij sommige voorbeelden vermeld.
  • Varianten: aanwezigheid van zijbeuken en straalkapellen wijzigt de plattegrond zonder de kruisvorm te elimineren.

Onderdelen

Volgende aanduidingen komen voor bij kruiskerken (nummering exemplarisch):

  • 8 = sluitsteen
  • 9 = sluitingsring
  • 10 = sluitingsrozet
  • 11 = schip
  • 12 = viering
  • 13 = koor
  • 14 = dwarsschip
  • 15 = travee

Voorbeelden

  • Kruiskerk met zijbeuken en straalkapellen (voorbeeld: Laurenskerk, Rotterdam).
  • Kruiskerk St. Gertrudis te Workum, midden 16e eeuw; het schip is onvoltooid waardoor de toren los van de kerk staat.

Zie ook

  • onderdelen van een kerk
  • transept