Shinto-tempel
Een shinto-tempel is een Japanse tempel van de shinto-godsdienst, meestal ingebed in een complex dat jingu wordt genoemd.
Betekenis
Een shinto-tempel is een plaats van verering binnen de shinto-godsdienst waar een heiligdom of schrijn (jinja) is ondergebracht; de opbouw en vormgeving behoren tot de shinto-architectuur. Een shinto-complex met meerdere gebouwen en functies heet jingu en is gewijd aan kami, die zowel natuurkrachten als voorouders of andere geesten kunnen zijn.
Toepassing
Shinto-tempels komen voor als religieuze centra en pelgrimslocaties.
- Onderbrengen van heiligdommen en schrijnen binnen een jingu.
- Ontmoedigen van rituele zuivering vóór benadering van het heiligdom (bijvoorbeeld bij temizusha/mitarashi).
- Toegang en afbakening van het heiligdomsterrein via torii-poorten.
- Uitvoering van offers en ceremoniële muziek/dans in speciale gebouwen zoals mikeden en kaguraden.
- Huisvesten van ondersteunende elementen zoals waakhonden (komainu), wensplankjes (ema) en rituele touwen (shimenawa).
Aandachtspunten
- Plaatsing in een natuurlijke omgeving met vaak fraaie bomen langs de weg naar het heiligdom.
- Voorafgaande reiniging van handen en mond bij temizusha of mitarashi is onderdeel van de pelgrimspatronen.
- Veel shinto-complexen bestaan uit meerdere gebouwtjes; Ise Jingu heeft bijvoorbeeld 125 gebouwtjes verdeeld over Naiku en Geku.
- Het Ise Jingu-complex bestaat uit twee delen (Ise Naiku en Ise Geku) die ongeveer 4 km van elkaar verwijderd zijn.
- Historische rituelen voor zuiverheid omvatten onder meer dat houten schrijngebouwen sinds 685 elke 20 jaar worden gesloopt en ernaast opnieuw opgebouwd (kodenchi-praktijk).
Onderdelen
- Jingu: het gehele shinto-complex waarin de heiligdommen en bijbehorende gebouwen zijn gegroepeerd.
- Jinja: een gebouw of gebouwtje met een shinto-heiligdom (shinto-schrijn).
- Honden (hon-den): het huis of de plaats waar het heiligdom zich bevindt.
- Torii: de toegangspoort die het betreden van een deel van het shinto-terrein markeert.
- Komainu: waakhonden of leeuwen-beeldjes die aan weerszijden van ingangen van een heiligdom staan.
- Temizusha / mitarashi: plaatsen met zuiver water waar pelgrims handen en mond kunnen afspoelen.
- Mikeden: de plaats waar door priesters geofferd wordt (voorkomend in Geku).
- Kaguraden: ruimte voor gebed, uitvoering van kagura (ceremoniële muziek en dans) of een no-theaterstuk.
- Shimenawa: gevlochten strengen van rijsthalmen gebruikt bij zuiveringsrituelen.
- Ema: wensplankjes waarop pelgrims hun wensen plaatsen.
- Kodenchi: locatie waar het vorige heiligdom stond en het volgende wordt geplaatst, naast het huidige heiligdom.
Voorbeeld: Ise Jingu
- Ise Jingu bestaat uit twee hoofdgedeeltes: Ise Geku (Toyo'uke-jingu, buiten-heiligdom) en Ise Naiku (Kotai-jingu, binnen-heiligdom).
- De twee delen liggen ongeveer 4 km van elkaar en omvatten samen tientallen tot honderden gebouwtjes; Ise Jingu telt circa 125 gebouwtjes verdeeld over Naiku en Geku.
Vergelijking
- Shinto-tempels en boeddhistische tempels in Japan vertonen overeenkomstigheden in beleving en rituelen, maar drukken die religieuze tradities elk op hun eigen wijze uit.
- Vergelijkbaar conceptueel is het Indiaase binnenaltaar (garbhagriha), dat als binnenste heiligdom te vergelijken is met het honden/hon-den.