Shou-sugi-ban

Shou-sugi-ban is een traditionele Japanse techniek waarbij de houtoppervlakte wordt verbrand om een verduurzamende koolstofrijke laag te creëren.

Betekenis

Shou-sugi-ban (ook yakisugi of yakisugi-ita genoemd) is een Japanse methode om hout te verduurzamen door de toplaag te verbranden en zo een verkoolde laag te vormen. Deze koolstoflaag biedt weerstand tegen weersinvloeden en werd traditioneel toegepast om hout beter bestand te maken tegen brandoverslag, insecten en schimmels. De afwerking kan bovendien een sterk donkere, decoratieve uitstraling geven.

Toepassing

De techniek wordt toegepast op houten gevelbekleding en andere buitenbekledingen.

  • Bij planken van ceder of cipres als traditionele keuze.
  • Op gemodificeerde houtsoorten zoals Accoya of Platowood die vooraf al duurzamer zijn.
  • Voor esthetische toepassingen waar een diepe, donkere kleur gewenst is.
  • Planken worden vaak verticaal aangebracht uit architectonisch oogpunt.

Aandachtspunten

  • Verwijder overtollige koolstof met water en eventueel een borstel om loszittend materiaal te elimineren.
  • Behandel de koolstoflaag met een natuurlijke houtolie met UV-bescherming om de diepe kleur te behouden; onderhoud regelmatig.
  • Bij de geschuurde en geoliede variant opnieuw olie aanbrengen om de drie tot vier jaar.
  • Besteed speciale aandacht aan waterdichtheid ter plaatse van deels verbrande randen; een waterdichte en UV-bestendige folie in de spouw kan nodig zijn.
  • Traditioneel uitgevoerde en ongeoliede shou-sugi-ban-houtwanden geven nog wel enige tijd af.

Uitvoering

Het werkproces omvat meestal de volgende stappen:

  • Aanbranden van de toplaag van het hout, bijvoorbeeld met een gasbrander.
  • Wegspoelen van overtollige koolstof met water en eventueel een borstel.
  • Optionele nabehandeling met een natuurlijke houtolie voorzien van een UV-filter om kleur en structuur te accentueren en om onderhoudsinterval te bepalen.

Typen / uitvoeringen

Afhankelijk van de dikte en wijze van verbranden worden drie gebruikelijke uitvoeringen onderscheiden:

  • Traditioneel: de verbrande koolstof vormt een bobbelige, craquelé-achtige laag; loszittend koolstof is weggespoeld; het oppervlak toont kenmerkend reliëf en kan eventueel geolied worden.
  • Geschuurd en geolied: het koolstof is geborsteld en het oppervlak glad geschuurd; de houttekening is zichtbaar; goed onderhoud met olie maakt het bestand tegen weersinvloeden; zonder olie is het minder bestand.
  • Licht aangebrand en geschuurd: esthetische behandeling met weinig koolstofvorming; behandeling met olie wordt aanbevolen; zonder olie niet bestand tegen weersinvloeden.

Materialen / uitvoeringsvormen

  • Gemodificeerde houtsoorten (Accoya, Platowood e.d.) kunnen eveneens worden aangebrand; voor deze materialen is olie niet strikt noodzakelijk voor weerbestendigheid, wel aanbevolen om kleur en structuur beter tot uiting te brengen.
  • Als het branden niet gewenst is maar wel de zeer donkere kleur, kan een product zoals Platowood Burned Wood Oil (d.i. Rubio Monocoat) op ongebrand hout worden aangebracht als alternatief voor verbranding.