Superdutch

Superdutch is een Nederlandse architectuurstroming binnen het Neomodernisme en Supermodernisme, actief circa 1990–2010.

Betekenis

Superdutch is een stroming binnen het Neomodernisme en Supermodernisme die vooral opviel in de jaren 1990–2010 en zich kenmerkt door jonge Nederlandse architecten en een iconische, experimentele beeldtaal. De stijl combineert schuine en strakke vlakken met golvende vormen en leidde tot opvallende, nationaal en internationaal bewonderde gebouwen.

Toepassing

Superdutch komt voor in grootschalige en beeldbepalende bouwprojecten uit de periode rond 1990–2010.

  • Ontwerpen van iconische gebouwen en publiek vastgoed.
  • Realisaties in binnen- en buitenland.
  • Projecten die profiteerden van de sterke bouwactiviteit vóór de kredietcrisis van 2008.

Aandachtspunten

  • Gebruik van schuine vlakken en strakke lijnen naast golvende vlakken (schaaldaken).
  • Architectuur nadrukkelijk gericht op iconische en experimentele vormen.
  • Grote nieuwbouwproductie vóór 2008 maakte de stroming mogelijk.
  • De term kon bij sommige architecten ongemak veroorzaken omdat de nadruk op "Dutch" klanten zou kunnen afstoten, maar tegelijk zorgde de branding voor werk en waardering.
  • Rond 2010 raakte de stijl in Nederland grotendeels uitgewerkt; de opvolging wordt aangeduid als Post-Superdutch met kleinere projecten en hergebruik.

Ontwerpkenmerken

  • Schuine vlakken en strakke lijnen als dominante geometrie.
  • Golvende vlakken en schaaldaken voor dynamische vormen.
  • Sterk iconisch karakter met ruimte voor experimentele ontwerpkeuzes.

Evolutie en opvolging

  • Hoogtepunt in de jaren van sterke nieuwbouw vóór de kredietcrisis van 2008.
  • Na de kredietcrisis nam het aantal herkenbare Superdutch-projecten af; rond 2010 eindigt de periode grotendeels.
  • Post-Superdutch kenmerkt zich door kleinere projecten, herbestemming en tijdelijk gebruik van leegstaande gebouwen.

Vertegenwoordigers en voorbeelden

  • MVRDV: Markthal (Rotterdam) en Glazen Boerderij (Schijndel).
  • UNS / Ben van Berkel: Centraal Station Arnhem ("de wokkel", 1996) en Agora Theater Lelystad (2002).
  • Mecanoo: National Kaohsiung Center for the Arts (Taiwan, 2007).
  • Meyer en Van Schooten: ING House (ook bekend als "de schoen", "het strijkijzer", "de klapschaats", "de kruimeldief" of "de poenschoen"); grote dubbele klimaatgevels met een spouw van 1,5 m en vroeg gebruik van 3D-modellering (CATIA) in het ontwerpproces.