Waaiergewelf

Een sterk geribd gewelf in de vorm van een halve trompet, dat op een driedimensionale waaier lijkt.

Betekenis

Een waaiergewelf is een sterk geribd gewelf in de vorm van een halve trompet, dat op een driedimensionale waaier lijkt. Het bestaat uit een veelheid aan ribben, die vaak een eigen naam hebben, zoals tiercerons en liernes. De term straalgewelf verwijst naar de ribben die als stralen vanuit de aanzetsteen (geboorte) vertrekken.

Toepassing

Waaiergewelven worden toegepast als dragende en vooral decoratieve gewelfconstructie in late gotische gebouwen.

  • In de Perpendicular Style van de latere Gotiek (14e–15e eeuw).
  • Veelvuldig aanwezig in Engelse kerken en kathedralen.
  • Als toonbeeld van ornamentatie en vakmanschap in gewelfwerk.

Aandachtspunten

  • Rijke ornamentatie en dicht opeengepakte decoratie kunnen leiden tot een horror vacui-effect.
  • Ribben dragen zowel constructief als esthetisch; bekende benamingen zijn tiercerons en liernes.
  • De ribben stralen typisch uit vanaf de aanzetsteen, wat de term straalgewelf verklaart.

Onderdelen

  • Ribben (meerdere, vaak met specifieke namen).
  • Tiercerons.
  • Liernes.
  • Aanzetsteen (geboorte) als vertrekpunt van de stralen.

Verschil met netgewelf en stergewelf

Andere gewelftypen die vaak vergeleken worden met het waaiergewelf zijn het netgewelf en het stergewelf.

Voorbeelden

  • Sherborne Abbey: dak dateert van ca. 1425.
  • Glouster Cathedral: voorbeeld van een uitgevoerd waaiergewelf.