Drieklezoor

Een drieklezoor is een baksteen van driekwart van een hele steen, meestal toegepast als eindsteen op een hoek.

Betekenis

Een drieklezoor is een baksteen met een lengte van drie kwart van een strek (dus 3/4 van een hele steen). De steen dient vooral als eind- of hoeksteen in metselwerk en wordt veelvuldig gebruikt in traditionele metselverbanden.

Toepassing

De drieklezoor komt voor in metselwerk, met name bij hoekafwerking in verbanden.

  • Als eindsteen op een hoek.
  • Om en om op de hoekpunt bij een Vlaams verband.
  • In metselverbanden waar aangepaste steenlengtes nodig zijn voor het verbandbeeld.

Aandachtspunten

  • Doorsneden en maatvoering houden rekening met de stootvoeg bij het bepalen van klezoor- en drieklezoormaten.
  • Voor het juiste verband moet de drieklezoor worden toegepast conform het gekozen metselverband (bijv. Vlaams verband).
  • Bij het berekenen van kwart- en driekwartmaten concreteer de voegdikte in de berekening.

Benamingen van delen van een steen (lengte)

  • Strek: lengte van een hele steen.
  • Hele steen: volledige lengte (strek).
  • Drieklezoor: 3/4 steen.
  • Kop: halve steen.
  • Klezoor: 1/4 steen.

Let op: de vermelde fracties zijn berekend rekening houdend met de stootvoeg; bij een strek van 210 mm en een totaal van 3 voegen van 10 mm (3 × voeg = 30 mm) geldt: klezoor = (strek − 3×voeg) / 4 = (210 − 30) / 4 = 45 mm.

Geschiedenis

Drieklezoren worden in Nederland gebruikt sinds het einde van de 16e eeuw, met voorbeelden in plaatsen als Leiden en Haarlem.

Terminologie

  • Engels: three-quarter brick, three-quarter bat
  • Frans: trois quart de brique