Droogte
Een periode van aanhoudend gebrek aan neerslag met gevolgen voor drinkwatervoorziening, tuinen en landbouw.
Betekenis
Droogte is een periode waarin de hoeveelheid neerslag langdurig achterblijft bij het normale en daardoor watertekorten veroorzaakt. Dat leidt tot problemen voor de drinkwatervoorziening, tuinen, weiden en akker- en tuinbouw en stimuleert de keuze voor klimaatadaptieve gewassen.
Toepassing
Droogte speelt een rol in verschillende domeinen en vraagt concrete maatregelen.
- Beïnvloedt drinkwatervoorziening: waterleidingbedrijven moeten voldoende drinkwater beschikbaar houden en bij tekort een actieplan opstellen.
- Treft tuinen en kleine landbouwpercelen, waardoor andere teeltkeuzes en aanpassingen nodig zijn.
- Heeft economische gevolgen voor weiden en akkerbouw/tuinbouw.
- Leidt tot maatregelen zoals druppelirrigatie, bodemverbetering, retentie en keuze van droogtebestendige planten.
Aandachtspunten
- Overleg betrekken van alle belanghebbenden bij structurele acties; enkel oproepen tot minder watergebruik is onvoldoende.
- Bij irrigatie kiezen voor zuinige, nauwkeurige systemen zoals druppelirrigatie in plaats van beregening.
- Verhoog organisch materiaal en vochtvasthoudend vermogen van de bodem om droogtebestendigheid te verbeteren.
- Sla water op waar mogelijk (retentie, meren, afgesloten opslag of ondergrondse cisternes) voor drogere periodes.
- Pas aanplant- en bodembeheer toe bij bomen en tuinplanten om overleving tijdens langdurige droogte te vergroten.
Maatregelen tegen droogte
Diverse technische en agronomische maatregelen worden in de praktijk toegepast.
Druppelirrigatie
- Gebruik druppelslangen voor constante en optimale watergift; deze methode is zuiniger en nauwkeuriger dan beregenen.
Verhoog het vochtbergend vermogen
- Voeg klei of veen toe aan zandige grond (bij bouwland volstaat een laag van 5–10 cm gevolgd door ondiep ploegen).
- Verhoog het grondwaterpeil indien mogelijk.
- Voeg niet-verteerd of half-verteerd organisch materiaal toe (vaste mest, humus, plantenbladeren, bermmaaisel); strooi bijvoorbeeld 10 cm stro of hooi of een dun laagje grasmaaisel (1–2 cm).
- Omsluit bouwland eventueel met een kleibaan om uitspoeling van water te beperken.
- Voorzie de bodem van poreuze terracotta potten (olla's) voor lokaal en langzaam vocht afgifte.
Verhoog de weerbaarheid van de bodem
- Verhoog het organisch materiaal in de grond door strooien van vaste mest of berm- en slootmaaisel.
Retentie (water vasthouden)
- Sla water op in meren, afgesloten gebieden of ondergronds (bijv. cisternes) zodat het later gebruikt kan worden voor bodembevochtiging.
Speciale bedden
- Leg verhoogde bedden aan; in de geulen tussen bedden blijft water langer staan en ontstaat meer schaduw, waardoor teelt in de geulen in droge gebieden voordeel biedt.
- In regenrijke gebieden kan het omgekeerde wenselijk zijn: beplanting op de bedden plaatsen om wateroverlast te vermijden.
Geef schaduw een kans
- Plant breedgroeiende, droogtebestendige bomen aan de zonzijde van het bouwland.
- Teel hoge gewassen die eigen schaduw geven (bijv. maïs, zonnebloemen).
- Span geperforeerde doeken of plastics die toch regen doorlaten om schaduwwerking te creëren.
Bomen en tuinplanten die goed tegen droogte kunnen
Aanplant- en bodemtips
- Meng klei- of veengrond met gebakken kleikorrels of brokjes baksteen voor betere waterretentie.
- Gebruik watervasthoudende aanplantgrond indien beschikbaar (bijvoorbeeld DCM Vivimus genoemd als optie).
- Bedek de bodem met grote stukken boomschors om verdamping te beperken.
- Zorg waar mogelijk voor enige schaduw gedurende de dag.
- Bij extreme droogte kan tijdelijk sproeien of sprenkelen noodzakelijk zijn.
Geschikte bomen (en struiken)
- Amerikaans krentenboompje (Amelanchier lamarckii)
- Christusdoorn (bijvoorbeeld Gleditsia triacanthos 'Sunburst')
- Grove den (Pinus Sylvestris)
- Jeneverbes (Juniperus communis 'Arnold')
- Judasboom (sommige soorten)
- Plataan (Platanus hispanica)
- Ruwe berk (Betula Pendula of Betula verrucosa)
- Veldesdoorn / Spaanse aak (Acer Campestre)
Geschikte tuinplanten
- Beemdkroon (Knautia arvensis)
- Blauwe knoop (Succisa pratensis)
- Brandkruid (Phlomis russeliana)
- Dropplant (Agastache 'Blue Boa')
- Duinroos (Rosa pimpinellifolia of Rosa spinosissima)
- Duizendblad (Achillea millefolium 'Cassis')
- Dwergmispel (Cotoneaster)
- Egelantier (Rosa rubiginosa)