Ionisch

Een Griekse classicistische bouwstijl met slanke zuilen en kapitelen voorzien van karakteristieke voluten.

Betekenis

De Ionische orde is een variant van de Griekse classicistische bouwstijl afkomstig van de Ionische eilanden (ongeveer 550–300 v.Chr.). Kenmerkend zijn slanke zuilen met diepe cannelures en kapitelen met grote voluten; de orde werd geassocieerd met intellect en leren.

Toepassing

Komt voor in klassieke Griekse tempels en verwante architectonische bouwwerken.

  • Tempelbouw in de klassieke periode
  • Architectonische detaillering van kapitelen en architraaf
  • Gebruik van fries en daklijsten als decoratieve elementen

Aandachtspunten

  • Daklijst (sima): schuine gootlijst; op de daklijst kan een akroterion geplaatst worden.
  • Geison: een doorgaans sobere kroonlijst.
  • Fries: doorlopend en vaak voorzien van voorstellingen in vrij hoog reliëf.
  • Kapiteel: dun abacus en twee grote voluten per zijde; hoekvoluten worden optisch aangepast zodat krullen vanaf meerdere zijden zichtbaar blijven.
  • Zuil: slanke schacht met diepe cannelures en vlakke riemen tussen de cannelures.
  • Basement: aanwezig als voetstuk tussen zuil en stylobaat.
  • Architraaf: opgebouwd uit drie horizontale balken (fasciae), een eigenschap die ook bij de Korintische orde voorkomt.

Kenmerken

  • Voluten: twee grote spiralen aan iedere zijde van het kapiteel.
  • Abacus: dun bovenblad van het kapiteel.
  • Cannelures: diepe verticale groeven met riemen (banden) ertussen.
  • Fries: vaak beeldhouwwerk in hoog reliëf over de gehele lengte.
  • Sima en akroterion: schuine daklijst met mogelijke beeldhouwwerkjes op top- en uiterste punten.
  • Basement: basislaag onderaan de zuil tussen zuil en stylobaat.

Verschil met de Dorische orde

  • Zuilvorm: Ionische zuilen zijn slanker dan de zuilen van de Dorische orde.
  • Cannelures: bij Dorische zuilen raken de cannelures elkaar met een graat; bij Ionische (en Korintische) zuilen raken de cannelures elkaar met een riem.