Langgevelboerderij
Een langgevelboerderij is een boerderijtype met een langgerekte, smalle plattegrond en alle toegangen in één lange gevel.
Betekenis
Een langgevelboerderij brengt woning, stal en schuur achter elkaar in één langgerekt gebouw met alle toegangen aan één zijde. Het type ontstond in de zeventiende eeuw in Brabant door de behoefte woning, veestal, oogstberging en dorsvloer onder één dak te combineren en de indeling van de stal en het aantal woonvertrekken te wijzigen.
Toepassing
Het type komt vooral voor in de Nederlandse en Belgische Kempen en in Limburg.
- Onderbrengen van woning, veestal en schuur in één bouwmassa.
- Vergemakkelijken van het binnenrijden van oogstwagens via hoge schuurdeuren.
- Aanpassing van stalindeling en uitbreiding van woonvertrekken in historische boerderijen.
Aandachtspunten
- Alle toegangen bevinden zich in één van de lange gevels; de schuurdeur is vaak hoger dan de staldeur.
- Schuurdeuren zijn zo groot dat een volgeladen oogstwagen naar binnen kon rijden.
- De woning kan met de stal gescheiden zijn door een brandmuur.
- Stalramen zijn doorgaans kleiner dan de ramen in het woongedeelte.
- Soms zijn alleen de gevels van woning en stal in steen uitgevoerd; de schuur is dan van hout.
Onderdelen
- Schuur: vaak met hoge deuren om wagens binnen te laten.
- Stal: lagere deuren en kleinere stalramen.
- Woning: grotere ramen, vaak met een opkamer en soms een kelder.
- Brandmuur: scheiding tussen woning en stal waar aanwezig.
Typen / uitvoeringen
- Tweebeukige langgevelboerderij: bestaat uit een laag en een hoger deel; in het lage gedeelte bevindt zich vaak de opkamer met eronder de kelder, in het hogere deel was plaats voor de hoge baander (inrijdeur).