Natuursteen

Natuursteen is gesteente of tegels vervaardigd uit natuurlijk gesteente, onderverdeeld in stollings-, sediment- en metamorf gesteenten.

Betekenis

Natuursteen is gesteente of uit natuurlijk gesteente vervaardigde tegels; het omvat stollingsgesteenten (diepte-, gang- en uitvloeiingsgesteente), sedimentgesteenten (afzettings- en neerslaggesteente) en metamorf gesteente. Natuursteen vormt het hoofdbestanddeel van de aardkorst en ontstaat door continue geologische processen.

Toepassing

Natuursteen wordt toegepast als bouw- en afwerkingsmateriaal.

  • Als tegels en platen voor vloeren en wanden.
  • Als gevel- en muurbekleding, trappen en elementen in tuinen en openbare ruimte.
  • In restauratie en onderhoud van monumenten en historische bouwwerken.
  • Als deklaag over metselwerk, mits rekening gehouden wordt met dilataties.

Aandachtspunten

  • Controleer weervastheid: sommige kalkstenen en mergel zijn weinig weerbestendig of zacht.
  • Houd rekening met grote uitzetting en krimp; voor natuursteenplaten voldoende dilatatie voorzien.
  • Controleer porositeit en oppervlaktestructuur voor reiniging, impregneren of consolidatie (doordrenken met silicaat).
  • Wees voorzichtig bij vervanging: dezelfde steensoort uit andere tijd of groeve kan kleur, mineralogie en verweringsgedrag verschillen.
  • Polijsten verdiept kleurweergave: ruwe bewerkingen maken de kleur fletser.

Natuursteensoorten

Veel voorkomende natuursteensoorten zijn onder meer:

  • basalt
  • blauwe hardsteen
  • diabaas
  • gneis
  • graniet
  • ijzerzandsteen
  • kalksteen
  • kwartsiet
  • larvikiet
  • leisteen
  • marmer
  • mergel
  • porfier
  • trachiet
  • travertijn
  • tufsteen
  • zandsteen

Eigenschappen

  • Mechanische en fysische eigenschappen: hardheid, druksterkte, slijtweerstand, taaiheid, soortelijke massa, porositeit, splijtbaarheid en duurzaamheid.
  • Weersbestendigheid varieert sterk per soort; sommige stenen erosiveren sneller dan andere.
  • Textuur en tast: glad, korrelig, hard, scherp, indrukbaar met nagel of bros.
  • Meestal compact gesteente, doorgaans compacter dan metselwerk.

Bewerken van natuursteen

  • Veel toegepaste nabewerkingen zijn polijsten en zoeten voor een glanzend oppervlak.
  • Andere bewerkingen: schuren, stralen, boucharderen, vlammen en talrijke hand- en machinale technieken zoals bikken, hakken, hameren, klieven, slijpen, zagen, zoeten e.a.
  • De lichtheid van sommige stenen beperkt het effect van bepaalde bewerkingen.
  • Nabewerking beïnvloedt de kleur en uitstraling; polijsten geeft de diepste kleurweergave.

Vervangen en onderhoud

  • Eerst nagaan of reinigen of verstevigen (bijvoorbeeld doordrenken met silicaat) mogelijk is; vervangen alleen als dit niet effectief is of als men kiest voor een ander materiaal zoals baksteen of beton.
  • Bij vervanging zijn de karakteristieken van de vervangende steensoort doorslaggevend; historische of geografische variatie kan kleur, mineralen en aanwezigheid van fossielen beïnvloeden.
  • Beschikbaarheid kan beperkt zijn: groeves kunnen uitgeput of commercieel gesloten zijn.

Documentatie

Beschikbare documentatie en naslagwerken:

  • Brochure over natuursteen (Cultureel Erfgoed).
  • Bestekstermen natuursteen (Cultureel Erfgoed): soorten en bewerkingen.
  • Publicaties: Natuursteen in monumenten; Natuursteen in Leiden (TNO).
  • Serie "Natuursteen en Architectuur" en tuin- en openbare ruimte-publicaties over vloeren, trappen en water.