Opus
Opus is een verzamelingsterm voor siermetselwerk waarin stenen of stukjes materiaal in kenmerkende patronen of verbanden zijn verwerkt.
Betekenis
Opus is een Latijnse aanduiding voor bouw- of metselwerk waarin stenen, bakstenen of kleine stukjes materiaal in een decoratief of technisch patroon zijn gelegd. De term stamt uit de Romeinse tijd en wordt gebruikt voor uiteenlopende soorten metselwerk en mozaïek.
Toepassing
Opus komt voor in verschillende constructieve en decoratieve toepassingen.
- Decoratief metselwerk met (bak)stenen in een sierverband.
- Vloeren en mozaïeken: opus tesselatum en opus vermiculatum.
- Waterwerken en reservoirs: waterdichte lagen met opus signinum.
- Beton- en steenwerken waarin stenen in cement zijn ingebed: opus caementicium.
- Mengvormen van verschillende steensoorten en verbanden: opus mixtum.
Aandachtspunten
- Onderscheid herkennen tussen de vele soorten opus, omdat vormen vaak door elkaar worden gebruikt.
- Opus caementicium werd bedekt met natuursteen, baksteen of pleister om vochtopname van het beton te beperken.
- Namen en typen van opus hebben historische oorsprong; sommige types blijven als benaming in gebruik.
Materialen / uitvoeringsvormen
- opus caementicium: steenwerken ingebed in cement (beton); toegepast vanaf de 2e eeuw v.Chr.; meestal afgewerkt met steen, baksteen of pleisterlaag.
- opus incertum (ook: opus emplecton, kistwerk): onregelmatig gelegde brokstenen, soms als blokkenverband.
- opus quadratum: werk met even grote stenen blokken (vanaf ca. 7e eeuw v.Chr., aanvankelijk zonder cement).
- opus reticulatum: ruitvormig gelegde vierkantjes (vanaf 1e eeuw v.Chr.).
- opus spicatum: visgraat- of aarverband.
- opus tesselatum: mozaïek samengesteld uit kleine vierkante blokjes (vaak voor vloeren).
- opus signinum (ook cocciopesto): mortel van kalk en tegelgruis voor waterdichte coatings in aquaducten, reservoirs en bepaalde binnenmozaïeken.
- opus vermiculatum: zeer smalle mozaïek toegepast als kader of achtergrond.
- opus vittatum / opus listatum: gestreept werk; opus listatum bestaat uit in beton gedrukte grote stenen en rijen dunne stenen.
- opus mixtum: combinatie van verschillende steensoorten en steenverbanden (vanaf 1e eeuw na Chr.).
- opus isodomum / pseudoisodomum: lagen van gelijke hoogte (isodomum) of lagen van verschillende hoogte (pseudoisodomum) met stenen van verschillende lengte.
- opus latericium / testaceum: kistwerk met baksteen (latericium/testaceum).
- opus africanum: lange blokken die vlakken afsluiten met kleinere stenen.
- opus barbaricum: steentjes of keitjes (keurvloer).
- opus craticium: met een vakwerkachtig karakter.
- opus sectile: uitgesneden patronen toegepast in vloeren of wandbekleding.
Werking / principe
- Opus omvat zowel constructieve wijze van opbouwen (zoals kistwerk of blokkenverband) als esthetische patronen (ruitvormig, visgraat, strepen, mozaïek).
- Bij betongebonden uitvoeringen fungeert het mergel- of betonlichaam als kern terwijl een buitenschil (steen, baksteen, pleister) de buitenzijde en bescherming tegen vocht vormt.
Variatie en historisch gebruik
- Veel varianten van opus ontwikkelden zich vanaf de 7e eeuw v.Chr. en werden vooral in de Romeinse periode systematisch toegepast en benoemd.
- Verschillende typen verschenen of raakten in gebruik op uiteenlopende tijden (bijv. opus caementicium vanaf de 2e eeuw v.Chr., opus latericium vanaf de 1e eeuw v.Chr., opus vittatum vanaf de 4e eeuw na Chr.).
- Verschijningsvormen en benamingen bleven in gebruik en worden ook in moderne terminologie soms nog toegepast; mengvormen worden aangeduid als opus mixtum.