Organisch bouwen
Organisch bouwen is een bouwprincipe en architectuurstijl die vrije, gebogen vormen en een groeiend, onregelmatig bouwproces omschrijft.
Betekenis
Organisch bouwen heeft twee hoofdbetekenissen: een architectuurstijl met vrije, niet-orthogonale vormen en een manier van bouwen die verloopt als de groei van een levend wezen; grillig en onvoorspelbaar. De architectuurvariant streeft naar vormen die lijken te “ademen” en behoort tot een expressionistische ontwikkeling binnen de bouwkunst.
Toepassing
Organisch bouwen komt voor als stijl van ontwerpen en als projectmethode.
- Architectuur: ontwerpen met organische vormen zoals natuurlijke krommingen, gebogen lijnen, ronde vormen, vijf- en zeshoeken, en hoge schuine gewelven/plafonds.
- Materialenkeuze: toepassen van natuurlijke materialen, onder meer baksteen.
- Projectaanpak: uitvoeren van bouwprocessen die zich geleidelijk en soms onregelmatig ontwikkelen, vergelijkbaar met biologische groei.
- Voorbeelden en referentieprojecten: gebouwen van o.a. Gaudí, Rudolf Steiner, Alberts & Van Huut en Hundertwasser.
Aandachtspunten
- Voorbereiding: rekening houden met een mogelijk langer en minder geordend bouwproces dan bij traditionele projecten.
- Planning: opstellen van een planning met een einddatum voor het gehele bouwproces, ook wanneer tussentijdse datums flexibel blijven.
- Ruimtelijke werking: organische vormen kunnen ruimten vriendelijker en harmonischer doen aanvoelen en beïnvloeden de intuïtieve ervaring van gebruikers.
- Procesrisico: organische projecten kunnen ervaren worden als bijna oneindig voortgaand; duidelijke afspraken over scope en einddoel zijn daarom belangrijk.
Werking / principe
Als bouwmethode refereert organisch bouwen aan de manier waarop een orgaan of levend wezen groeit: grillig, met periodes van snel en langzaam verloop en met onverwachte wendingen. Die groeimetaforiek vertaalt zich in een iteratief en adaptief bouwproces waarbij ontwerp en uitvoering naar elkaar kunnen terugkoppelen en het eindbeeld tijdens de uitvoering kan evolueren.
Materialen / uitvoeringsvormen
- Natuurlijke materialen: traditioneel worden materialen zoals baksteen veel toegepast binnen organische architectuur.
- Vormgeving: nadruk op vloeiende, gebogen vormen en afwezigheid van rechte hoeken; de morfologie wordt soms als “vloeibaar” beschreven.
Bekende voorbeelden en architecten
- Alberts & Van Huut: Isala Ziekenhuis Zwolle (2013), Gasunie (1994), ING-bank Amsterdam (1987), transformatie naar stadswoningen (2016).
- Hundertwasser: Wohnen unterm Regenturm (1994).
- Antoni Gaudí: o.a. Sagrada Familia (vanaf 1912).
- Rudolf Steiner: Goetheanum (1924–1928).
- Javier Senosiain: Casa Orgánica (1985).
- Erich Mendelsohn: Einsteinturm (1921).
- Le Corbusier: Chapelle Notre-Dame (1955).
Verschil met living-building
Hoewel termen als “biologisch” of “levend” verwant klinken, betreft Living Building een andere benadering van architectuur; de naam biologisch hoeft niet aan te geven dat het dezelfde ontwerpopvatting of procesfilosofie als organisch bouwen heeft.