Shake-hands

Shake-hands is een naoorlogse bouwstijl die traditionele vormen combineert met moderne materialen en constructiemethoden.

Betekenis

Shake-hands is een bouwstijl uit de Wederopbouwperiode (ongeveer 1945–1965) die elementen van traditionalisme en modernisme (Functionalisme, Het Nieuwe Bouwen) verenigt. De stijl combineert traditionele vormen zoals baksteengevels en hellende daken met moderne materialen en constructies zoals staal, beton en glas; de naam verwijst naar het Engelse woord voor "handdruk" en duidt op deze samensmelting.

Toepassing

Kenmerkend voor naoorlogse nieuwbouw waarbij esthetiek en moderne constructietechnieken worden gecombineerd.

  • Gebruik in woon- en utiliteitsgebouwen uit de Wederopbouwperiode.
  • Toepassing in industriële gebouwen, bijvoorbeeld industriegebouw Goudsesingel (Rotterdam).
  • Toepassing in technische gebouwen, bijvoorbeeld gemaal Katwijk.
  • Opvallend bij puien en begane-grondgevels met siermetselwerk en invullingen in baksteen of glas.

Aandachtspunten

  • Betonskelet vaak zichtbaar houden; geveldelen worden ingevuld met baksteen of glas, wat een vakwerk-achtig voorkomen kan geven.
  • Vensteromlijstingen met stalen raamkozijnen en vaak betonnen gevelbanden; grove roedeverdeling komt veel voor.
  • Functionele basiscompositie met toch duidelijke gevelaccenten; versieringen komen terug, gebouwen kunnen daarbij wat log overkomen.
  • Relatief licht metselwerk met sierverbanden bij de pui, onder ramen en bij schoorstenen.
  • Vrije gevelindeling met in- en uitspringende delen, variërende raamformaten, glazen borstweringen, loggia's en grotere balkons.

Kenmerken

  • Materialen: combinatie van baksteen, beton, staal en glas.
  • Constructie: zichtbaar betonskelet met opgevulde geveldelen.
  • Vormgeving: mix van traditionele gevelvormen en strakke, moderne lijnen; pui vaak verschillend van overige verdiepingen.
  • Gevelafwerking: sierverbanden in metselwerk en betonnen gevelbanden in combinatie met stalen kozijnen.

Relatie tot andere stijlen

  • Wordt soms als onderdeel van het traditionalisme gezien, maar sluit inhoudelijk nauwer aan bij het Functionalisme door de functionele basisgedachte en moderne constructiemethodes.