Verblijfsgebied
Een verblijfsgebied is een deel van een gebruiksgebied bestemd voor het verblijven van personen, met minimaal één verblijfsruimte.
Betekenis
Een verblijfsgebied (VG) is een gedeelte van een gebruiksgebied bestemd voor het verblijven van personen en bevat ten minste één verblijfsruimte. Het bestaat uit één of meer op dezelfde bouwlaag gelegen ruimten, uitgesloten zijn onder andere toiletruimten, badruimten, technische ruimten en verkeersruimten; onbenoemde ruimtes behoren vermoedelijk ook tot de anders-dan-opsomming. Een verblijfsgebied is geen 'oppervlakte' maar een ruimte of groep van ruimten, vaak gescheiden door dragende muren.
Toepassing
Verblijfsgebieden worden gebruikt om delen van een bouwwerk te definiëren waar verblijven en de daartoe behorende activiteiten plaatsvinden.
- Wonen: verblijfsruimten VR1, VR2 en VR3 kunnen samen het verblijfsgebied "wonen" vormen.
- Meerdere bouwlagen: in gebouwen met meer dan één bouwlaag moet op de tweede bouwlaag of hoger een verblijfsgebied aanwezig zijn (art. 2.25 Bbl).
- Gebruiksspecificatie: bij het bepalen van de verdeling van gebruiksoppervlakte en woonoppervlakte binnen een gebruiksfunctie.
- (Ver)bouwprojecten: bij wijzigingen bepalen welke delen aan nieuwbouw- of bestaande-bouwvoorschriften moeten voldoen.
Aandachtspunten
- Niet verwarren met gebruiksoppervlakte; verblijfsgebied verwijst naar ruimten of een groep ruimten, niet naar een enkele oppervlakte-eenheid.
- Uitsluiting: toiletruimten, badruimten, technische ruimten en verkeersruimten behoren niet tot een verblijfsgebied; onbenoemde ruimtes vallen waarschijnlijk ook onder de uitsluiting.
- Minimumeisen verschillen voor bestaande bouw en nieuwbouw; controleer de toepasselijke artikelvereisten voor vloeroppervlakten, breedtes en hoogtes.
- Bij verbouwen geldt dat in principe de nieuwbouwvoorschriften op de ingreep van toepassing zijn, maar ongewijzigde delen van het bouwwerk buiten beschouwing blijven; de gewijzigde onderdelen moeten ten minste voldoen aan het kwaliteitsniveau dat voor bestaande bouw geldt.
Eisen / regelgeving
- Algemeen:
- Art. 2.25 Bbl: Bij meer dan één bouwlaag is voorzien van een verblijfsgebied op de tweede bouwlaag of hoger.
- Bestaande bouw:
- Art. 3.90 lid 1 Bbl: In ten minste een verblijfsgebied ligt een verblijfsruimte met een vloeroppervlakte van ten minste 7,5 m² en een breedte van ten minste 2,4 m.
- Art. 3.90 lid 2 Bbl: Een verblijfsgebied en een verblijfsruimte hebben boven de vloer een hoogte van ten minste 2,1 m.
- Nieuwbouw:
- Art. 4.163 lid 2 Bbl: Ten minste 55% van de gebruiksoppervlakte van een gebruiksfunctie is verblijfsgebied.
- Art. 4.164 lid 1 Bbl: Een verblijfsgebied heeft een vloeroppervlakte van ten minste 5 m².
- Art. 4.164 lid 2 Bbl: Een verblijfsgebied en een verblijfsruimte hebben een breedte van ten minste 1,8 m.
- Art. 4.164 lid 3 Bbl: In ten minste een verblijfsgebied ligt een verblijfsruimte met een vloeroppervlakte van ten minste 11 m² en een breedte van ten minste 3 m.
- Art. 4.164 lid 4 Bbl: Een verblijfsgebied en een verblijfsruimte moeten ten minste de in tabel 4.162 aangegeven hoogte boven de vloer hebben.
- Historisch:
- Het tot 1-1-2024 geldende Bouwbesluit 2012 bevatte vergelijkbare bepalingen, onder meer dat te bouwen bouwwerken een verblijfsgebied moeten bevatten, dat ten minste 55% van de gebruiksoppervlakte verblijfsgebied moet zijn en dat verblijfsruimten minimale breedtes en vloeroppervlakten moeten hebben.
Historiek en verbouwen
- Toepassing bij verbouwen: in principe gelden de nieuwbouwvoorschriften voor (ver)bouwwerkzaamheden, maar er kan ontheffing worden verleend tot het kwaliteitsniveau voor bestaande bouw; de nieuwbouwvoorschriften zijn alleen van toepassing op de fysieke bouwingreep zelf en niet op ongewijzigde delen van het bouwwerk.
- Voorbeeld: bij het plaatsen van een dakraam in een onbenoemde zolderruimte die nadien als verblijfsruimte wordt gebruikt, hoeft alleen de plaatsing van het dakraam te voldoen aan de voorschriften voor die verbouwing; de delen van de ruimte die ongewijzigd blijven moeten voldoen aan het kwaliteitsniveau dat voor verblijfsruimten van bestaande woningen als minimum is voorgeschreven.