Cementeren
Cementeren heeft meerdere betekenissen: behandeling van metselwerk met een dunne cementlaag, cementeren van boorcasing en een thermochemische carboneringsbehandeling.
Betekenis
Cementeren verwijst primair naar het behandelen van metselwerk met een dunne laag cement, waardoor stenen en voegen een egale kleur en extra bescherming krijgen; dit resultaat wordt ook wel slempwerk genoemd. De term wordt daarnaast gebruikt voor het cementeren van boorcasing in olie- en gasputten, waarbij een cementpap rond stalen buizen wordt gestort om formaties te scheiden en instorting te voorkomen. Tenslotte wordt cementeren ook als synoniem voor carboneren gebruikt: een thermochemische oppervlaktebehandeling waarbij koolstof in het oppervlak wordt ingebracht bij hoge temperatuur gevolgd door afschrikken.
Toepassing
Cementeren komt in verschillende praktijken voor:
- Bij buitenmuren om kleurenverschil tussen stenen te egaliseren en vorst- of verweringsplekken te verdoezelen.
- In renovaties en historische restauraties, en als esthetische afwerking bij nieuwbouwprojecten.
- Binnen in vochtige ruimten als onderlaag waarop tegels kunnen worden geplakt na het aanbrengen van een waterdichte mat.
- In de olie- en gaswinning om casing te fixeren en stroming tussen geologische formaties te voorkomen.
- In de metallurgie als oppervlaktehardingsbehandeling (carboneren/inzetten) van staal.
Aandachtspunten
- Kleine beschadigingen van de ondergrond worden door een cementlaag vaak weggewerkt; de structuur van de muur kan zichtbaar blijven bij een dunne laag.
- Cementpleister is waterwerend maar niet waterdicht; onder het maaiveld verdient een elastische waterdichte coating de voorkeur, aangebracht tot minstens vijf centimeter boven het maaiveld.
- Bij zware regenval kunnen tijdelijke donkere plekken ontstaan die verdwijnen bij het opdrogen; toevoeging van hydrofobe middelen (bijv. Compaktuna) vermindert oppervlakkige opname en versnelt herstel van het uiterlijk.
- Correct cementeren van boorcasing is essentieel om instorting van het boorgat en ongewenste stromingen tussen formaties te voorkomen.
- Bij thermochemisch cementeren (carboneren) bepaalt de gebruikte methode (gasstroom of wervelbed) de procesopzet en het resultaat.
Uitvoering
- Dun aanbrengen: een dunne cementlaag geeft een egale kleur zonder de muur volledig af te sluiten en behoudt doorgaans de ademende eigenschappen.
- Dikke afwerking: bij dikkere lagen worden pleistertechnieken gebruikt; het oppervlak kan ruwer worden bewerkt voor rots- of rustieke structuren (geduimde cementering/rotspleister).
- Kleuren: grijs is traditioneel, maar ook andere kleuren zijn mogelijk afhankelijk van de samenstelling en pigmentatie van de mortel.
Materialen / uitvoeringsvormen
- Dunne mortel (slempwerk) voor egalisatie en lichte bescherming.
- Pleistermortel voor dikkere afwerkingen en texturen, eventueel met toevoegingen zoals hydrofobe middelen.
- Speciale slurries van cement voor het cementeren van boorcasing rond stalen pijpen.
- Bij carboneren: processen met gasstromen of wervelbedinstallaties voor het inbrengen van koolstof in het oppervlak.
Cementeren van boorcasing
Bij boren naar olie en gas worden stalen casingpijpen geplaatst en rond die pijpen een speciaal samengestelde cementslurrie gestort. Deze cementering fixeert de pijpen, voorkomt instorting van het boorgat en is bedoeld om stroming van gassen of vloeistoffen tussen verschillende geologische formaties te blokkeren.
Thermochemische oppervlaktebehandeling (carboneren/inzetten)
Bij deze betekenis van cementeren (ook genoemd carboneren of inzetten) wordt koolstof in het oppervlak van een materiaal ingebracht bij hoge temperatuur, gevolgd door afschrikken. De twee belangrijkste toegepaste methoden om dit te realiseren zijn behandeling in een gasstroom en behandeling in een wervelbed.
Vergelijkbare technieken
Vergelijkbare of verwante afwerkings- en behandelingsmethoden zijn onder andere: keimen, kaleien, berapen, kristal cement graniet (KCG), rocaille, spuitbeton, tadelakt, vertinnen en chipperen. Deze technieken verschillen in materiaalgebruik, textuur en waterwerendheid.