Stiep
Een stiep is een tijdelijke, zelfgemaakte T-vormige stut van panlatten voor het ondersteunen van bijvoorbeeld gipsplafondplaten.
Betekenis
Een stiep is in de meest gangbare betekenis een tijdelijke, zelfgemaakte T‑vormige stut opgebouwd uit panlatten die gebruikt wordt om bouwdelen tijdens plaatsing te ondersteunen. De werkwoordsvorm "stiepen" betekent stempelen. In een andere, regionale betekenis is een stiep een steunpunt voor de stijlen van het hoofdgebint in grote schuren.
Toepassing
De term komt in de bouw en timmerpraktijk voor.
- Ondersteunen van gipsplafondplaten bij het aanbrengen daarvan.
- Functie als tijdelijke stut op bouwwerven, gemaakt van panlatten in T‑vorm.
- Als steunpunt voor de stijlen van het hoofdgebint in grote schuren.
Aandachtspunten
- Bestaat doorgaans uit panlatten en heeft een T‑vorm in de gebruikelijke uitvoering.
- Is bedoeld als tijdelijk hulpmiddel tijdens montagewerkzaamheden.
- Terminologie varieert: ook genoemd als "stip" of "stansoen"; "stiepen" = stempelen.
- In de agrarische of oudere bouwcontext vergelijkbaar met een poer wanneer het als steunpunt voor een hoofdgebint fungeert.
Verschil met poer / stiepel
- In de betekenis als steunpunt voor stijlen van het hoofdgebint is de stiep vergelijkbaar met een poer.
- In de gebruikelijke timmerbetekenis is de stiep juist een tijdelijke, zelfgemaakte stut; daarmee verschilt het van vaste funderings- of steunconstructies zoals een poer.