Vollewandligger
Een vollewandligger is een ligger met een gesloten lijfplaat en boven- en onderflens, vergelijkbaar met een I‑profiel.
Betekenis
Een vollewandligger is een ligger die volgens het principe van de vollewand is gevormd: een doorgaande, meestal omvangrijke gesloten lijfplaat met een boven- en onderflens, waardoor het geheel vergelijkbaar is met een I‑profiel. De constructieve opzet geeft een massieve, continue doorsnede over de lengte van de ligger.
Toepassing
Vollewandliggers worden toegepast als hoofdligger in civiele en bouwkundige constructies.
- In bruggen, bijvoorbeeld boogbruggen.
- Bij fly-overs en viaducten, zoals op hogesnelheidslijnen.
- Als alternatief voor andere hoofdliggers in overspannende constructies.
Aandachtspunten
- Rekening houden met de aanzienlijke afmetingen en materiaaldikten van lijfplaat en flenzen.
- Keuze tussen een plaatligger en een gewalste ligger (zoals IPE- of HE-A/B‑profielen) afhankelijke van ontwerp- en fabricage-eisen.
- Sommige vollewandliggers kunnen grotendeels aan het oog onttrokken zijn in de uiteindelijke constructie.
- Andere hoofdligger-typen (bijvoorbeeld vakwerkligger en raatligger) worden niet als vollewandliggers beschouwd.
Typen / uitvoeringen
- Plaatligger: een volledige lijfplaat gevormd uit platen waarbij lijfplaat en flenzen ter plaatse zijn samengesteld.
- Gewalste ligger: profielen die gewalst zijn, bijvoorbeeld in IPE- of HE-A/B‑vormen; deze worden eveneens tot de belangrijkste typen gerekend.
Afmetingen / voorbeeld
Als voorbeeld bestaat de vollewandligger van de fly-over van de hogesnelheidslijn bij Barendrecht uit:
- Lijfplaat: 2400 mm hoog en 25 mm dik.
- Bovenflens: 1250 mm breed en 40–80 mm dik.
- Onderflens: 1300 mm breed en 40–50 mm dik.
Terminologie
- Engelse benamingen vermeld in de literatuur: plate girder, solid-web girder; vollewandspant wordt aangeduid als solib web truss.