Wateropzuiging
De mate waarin een steen water opneemt, vaak aangegeven als initiële wateropzuiging (IW) of Hallergetal.
Betekenis
Wateropzuiging beschrijft hoeveel water een volledig droge steen bij contact opneemt; dit wordt praktisch vastgelegd als initiële wateropzuiging (IW) in kg/m2.min of als Hallergetal in g/dm2.min. De waarde bepaalt hoe snel een metselsteen vocht uit de mortel onttrekt en beïnvloedt hechting, verwerking en duurzaamheid van het metselwerk.
Toepassing
De wateropzuiging is relevant bij keuze en behandeling van metselstenen.
- Bepalen welke mortelsoort en -samenstelling passend is voor een gegeven steen.
- Beslissen of voorbevochtigen van stenen nodig is vóór vermetselen.
- Inschatten van risico's op zoutuitslag, vorstschade en verlaging van stapelhoogte.
- Afstemmen van verwerking bij verschillende weersomstandigheden.
Aandachtspunten
- Gebruik de juiste specie bij de gekozen baksteen en raadpleeg de fabrikant of mortelleverancier voor een morteladvies.
- Voorbevochtigen 24 uur vóór verwerking aanbevolen voor matig tot sterk zuigende stenen (IW2–IW4); zeer weinig zuigende stenen (IW1) worden droog vermetseld.
- Bescherm stenen op de werf tegen teveel regen en tegen uitdrogen door zon en hoge temperaturen.
- Houd rekening met temperatuur: bij lage temperaturen kan hydratatie en hechting onvoldoende verlopen, zelfs bij geschikte mortel.
Invloed op metselwerk
- Te hoge wateropzuiging:
- Mortelspecie droogt te snel (mortel "verbrandt"), waardoor hechting tussen mortel en baksteen slecht is.
- Buitenmuren blijven na regen te lang nat, wat zoutuitslag en vorstschade kan vergroten.
- Te lage wateropzuiging:
- Mortel blijft te vochtig, waardoor de toegestane stapelhoogte kleiner moet zijn.
- Steen blijft te droog na het metselen, met slechte hechting tot gevolg.
- Vocht kan dieper in de metselvoeg treden omdat de steen minder vocht opneemt, wat de spouw vochtiger kan maken.
Classificatie en verwerking
De initiële wateropzuiging (IW, kg/m2.min) en het Hallergetal (g/dm2.min) worden gebruikt om stenen in klassen in te delen en verwerkingsadviezen te koppelen:
- IW1: IW < 0,5 kg/m2.min, Hallergetal < 50 g/dm2.min: zeer weinig zuigende steen; "droog" vermetselen (zonder voorbevochtigen).
- IW2: IW tussen 0,5 en 1,5 kg/m2.min, Hallergetal tussen 5 en 15 g/dm2.min: matig zuigende steen; 24 uur voor verwerking voorbevochtigen.
- IW3: IW tussen 1,5 en 4,0 kg/m2.min, Hallergetal tussen 15 en 40 g/dm2.min: normaal zuigende steen; 24 uur voor verwerking voorbevochtigen.
- IW4: IW > 4,0 kg/m2.min, Hallergetal > 40 g/dm2.min: sterk zuigende steen (o.m. betonstenen); 24 uur voor verwerking voorbevochtigen.
Materiaalinvloeden en uitzonderingen
- Betonstenen worden geklasseerd als niet-zuigende stenen (IW1).
- Kalkzandsteen kan verlijmd worden met speciale blokkenlijm; dan is de IW-waarde minder bepalend omdat die lijmsoorten zijn afgestemd op hoge wateropname.
- Bij sterk zuigende stenen worden mortels met watervasthoudende hulpstoffen toegepast om snelle uitdroging en "verbranden" van de mortel te voorkomen.
- Bij niet-zuigende stenen is vaak een aangepaste verwerkingswijze en beperkte stapelhoogte vereist.
Opmerkingen
- Laat een morteladvies opstellen door de mortelleverancier gebaseerd op de stenen zoals ze op de bouw worden geleverd; productmonsters kunnen afwijken van eerder getoonde monsters.
- Het vakmanschap van de metselaar en de keuze van het morteltype beïnvloeden het resultaat, zeker bij lage of hoge temperaturen.
- Houd bij verwerking altijd rekening met weersomstandigheden en bescherm gemetseld en opgeslagen materiaal tegen overmatige vochtigheid en uitdroging.