Achterwerkers
Achterwerkers zijn metselstenen die in een muur onzichtbaar blijven en daarom niet voor de gevelafwerking worden gebruikt.
Betekenis
Achterwerkers zijn de metselstenen in een muur die niet in het zicht komen. Ze worden toegepast wanneer kleur, structuur en soms vorm van de steen niet van belang zijn. De term vuilwerkers wordt vaak als synoniem gebruikt. Achterwerkers zijn doorgaans minder geschikt voor gevels omdat ze onregelmatig van vorm kunnen zijn en onvoldoende gebakken, waardoor ze zachter en gevoeliger voor water zijn.
Toepassing
Achterwerkers worden gebruikt in niet-zichtbare delen van metselwerk.
- Gebruiken in de binnenzijde of het achterblad van muren.
- Toepassen wanneer esthetische eigenschappen (kleur, structuur, vorm) niet relevant zijn.
- In buitenmuren die anderhalve of twee stenen dik zijn komt veel onzichtbaar metselwerk voor.
- Historisch gebruiken metselaren achterwerkers voor de niet-zichtbare lagen na sortering van geleverde stenen.
Aandachtspunten
- Niet toepassen in zichtbare gevelvlakken.
- Rekening houden met onregelmatige vorm van de steen bij verwerking.
- Houd rekening met verminderde hardheid: onvoldoende gebakken stenen zijn gevoeliger voor water en vorstschade.
- Bij restauratie of hergebruik letten op de oorspronkelijke scheiding tussen voorwerkers en achterwerkers.
Historiek
Tot circa 1900 werd bij de baksteenproductie doorgaans geen onderscheid gemaakt tussen gewone bakstenen en gevelstenen. Metselaars sorteerden de geleverde stenen: de goed gevormde en goed gebakken exemplaren (voorwerkers) werden als gevelbekleding gebruikt, de overige stenen dienden als achterwerkers voor niet-zichtbare delen van de muur.
Verschil met mondsteen en verblendsteen
Vergelijk met mondsteen en verblendsteen; deze termen worden in vergelijkende context genoemd en betreffen gevel- of aansprekende stenen, terwijl achterwerkers juist niet voor geveltoepassing bedoeld zijn.