Attiek
Een attiek is een verhoging op de kroonlijst van een gebouw, als borstwering of lage bovenste verdieping met kleine vensters.
Betekenis
Een attiek is een verhoging op de kroonlijst van een gebouw, uitgevoerd als een borstwering of als een lage bovenste verdieping met kleine vensters. Het element dient onder andere om een deel van het dak aan het gezicht te onttrekken en vormt een architectonische afronding van de gevel.
Toepassing
Komt voor als architectonisch element op gevels, vooral bij traditionele en historische gebouwen.
- Als borstwering die de aanblik op het dak beperkt.
- Als lage bovenste verdieping (attiekverdieping of mezzanino) met kleine vensters.
- Als versierend element voorzien van een balustrade.
- In barokke bouwstijlen waar de attiek soms tot een halve verdieping uitgroeit.
Aandachtspunten
- Balustrades komen vaak voor; deze zijn opengewerkt en bevatten veelal stenen spijlen.
- De attiek onttrekt bewust een deel van het dak aan het gezicht en beïnvloedt de gevelwerking.
- Historisch kon de hoogte van een attiek ongeveer een derde van de zuilenhoogte van de verdieping eronder bedragen.
- In barokke voorbeelden kan de attiek functioneren als een echte tussenverdieping (mezzanino).
Oorsprong en benaming
De term is ontleend aan het Franse attique, zelf afgeleid van Attica (het Griekse schiereiland), en duidt op een Attische of Atheense bouwstijl waarbij gevels boven de kroonlijst uitsteken om de aanzet van het dak te verbergen.
Materialen / uitvoeringsvormen
- Balustrade: vaak uitgevoerd als opengewerkte borstwering met stenen spijlen.
- Uitvoeringen variëren van lage borstweringen tot een afleesbare extra (halve) verdieping in historische bouwstijlen.
Vergelijkbare begrippen
- Vliering, zolder, loft, lijstgevel, penthouse (vergelijkingsbegrippen met overlappende contexten rond dakruimte en gevelafwerking).