Kloostergewelf

Een kloostergewelf is een gewelf met vier of meer gebogen vlakken die op de muren rusten en in één punt samenkomen.

Betekenis

Een kloostergewelf is een gewelfvorm die uit vier of meer gebogen vlakken bestaat en waarvan de vlakken niet op bogen of pilaren rusten maar op de muren. De gewelfvlakken komen in de kruin van het gewelf bijeen in één punt. Het grondvlak kan vierkant zijn maar ook uit meer hoeken bestaan.

Toepassing

Het kloostergewelf wordt toegepast als gewelfvorm bij gebouwen met vier- of meerhoekige plattegronden.

  • Bij veelhoekige tambours
  • In voorbeelden zoals het kloostergewelf in de Dom van Aken
  • Als constructieve oplossing waarbij het gewelf op de muren wordt gedragen

Aandachtspunten

  • Rust op muren in plaats van op bogen of pilaren; rekening houden met muurbelasting.
  • Gewelfvlakken komen bovenin samen in één punt; dit bepaalt de welflijn en kruin.
  • Aanzetlijn wordt ook geboorte genoemd.
  • Aan de buitenzijde kan het gewelf op een tentdak lijken.
  • Oorspronkelijk werd het vanaf de muren opgemetseld en eventueel gepleisterd.

Uitvoering

  • Opgemetseld vanaf de muren met de gewenste glooiing (welving).
  • Eventueel afgewerkt met pleisterwerk.

Verschil met muldengewelf

  • Muldengewelf lijkt op het kloostergewelf maar is langgerekt en heeft meestal een rechthoekig grondvlak.
  • Bij het muldengewelf raken de lange gewelfvlakken elkaar bovenin in één lijn, terwijl bij het kloostergewelf de vlakken in één punt samenkomen.

Benaming in andere talen

  • Engels: cloister vault; domical vault (Amerikaans)
  • Duits: Klostergewölbe
  • Frans: voûte en arc-de-cloître