Triglief
Een triglief is een friesversiering die de kopse kant van een balk van de Dorische orde afbeeldt, met meestal drie verhogingen.
Betekenis
Een triglief is een versierend element in het fries dat de "balkkop" van een Dorische tempel uitbeeldt. Het heeft meestal drie verhogingen (effectief twee gleuven) en verwijst naar een houten voorloper. De vlakken tussen trigliefen vormen de metopen; onder de trigliefen komen vaak regula en guttae voor.
Toepassing
De triglief verschijnt in antieke en neoclassicistische architectuur.
- In het fries van een Dorische tempel
- Tussen trigliefen: de metope als vlak voor beeldhouwwerk of ornament
- Onder de triglief: regula en vaak guttae als onderliggende elementen
- Bij gevelbeëindigingen in het Classicisme, vaak in combinatie met een kroonlijst
Aandachtspunten
- Meestal drie verhogingen zichtbaar, wat historisch wordt beschreven als "drie" ondanks feitelijk twee gleuven.
- Verwijzing naar een houten voorloper van de balkkop vormt de oorsprong van de vorm.
- De ruimte tussen trigliefen wordt aangeduid als metope en kan ingevuld zijn met paterae of bucrania.
- Regula en guttae bevinden zich dikwijls direct onder de triglief.
- In het Classicisme herleeft de triglief als sierlijk element in kroonlijsten.
Onderdelen en plaatsing
- De triglief stelt de kopse kant van een balk voor en maakt deel uit van de Dorische friesopbouw.
- Illustraties plaatsen de triglief in relatie tot andere kapitalelementen; voorbeelden in beschrijvingsteksten labelen echinus, abacus en regula als nabije onderdelen.
Etymologie en andere talen
- De term komt van het Latijn triglyphus, uit het Griekse trigluphos (drie gleuven), samengesteld uit tri- (drie) en gluphos/gluphein (insnijding, inkerven).
- Engels: triglyph.
- Frans: trygliphe.