Tumulus
Een tumulus is een aarden of stenen grafheuvel die één of meerdere overledenen en grafgiften herbergt.
Betekenis
Een tumulus is een grafheuvel: een begraven ruimte bedekt met een aarden of stenen heuvel en vaak voorzien van een ingang. De constructie maakte het mogelijk meerdere overledenen in één plaats en over verschillende tijden te begraven en voorzien van grafgiften.
Toepassing
Tumulus komt voor in uiteenlopende culturen en perioden.
- Begraafplaats in oude samenlevingen zoals China, Egypte, Nubië, Rome en grote delen van West-Europa, met name Bretagne.
- Plaats voor opeenvolgende of meervoudige begravingen over langere tijd.
- Constructies variëren van kleine lokale heuvels tot zeer grote tumuli met hoge gangen.
- Opslag van menselijke resten, crematie-as, urnen, situlae en grafgiften; soms meerdere ingangen of latere ophogingen.
Aandachtspunten
- Bouw en omvang verschillen sterk: van eenvoudige, lokale heuvels tot grote grafcomplexen met gangen.
- Begravingsvormen en bijbehorende vondsten variëren per periode, wat invloed heeft op vondsttypen en -plaatsing.
- Een tumulus geheel opgebouwd uit kleine stenen (zonder aarden bedekking) wordt in Schotland een cairn genoemd.
- Ondergrondse of specifiek uitgevoerde grafruimtes hebben eigen termen (bijv. hypogea, catacomben) en mogen niet met alle tumuli verward worden.
- De term tumulus mag niet verward worden met mutulus.
Typen en uitvoeringen
- Paalkrans- of palissadegrafheuvel: in de Late Steentijd en Vroege Bronstijd vaak een of meer kransen van houten palen rond de voet van de heuvel.
- Ringwalgrafheuvel: in Midden- en Late Bronstijd kenmerkt dit type zich door een middelhoogteheuvel, een omliggende greppel en vervolgens een wal van aarde.
- Cairn: geheel uit stenen opgebouwde tumulus, vooral de term gebruikt in Schotland.
- Langwerpige, stenen heuvels heten in het Portugees maroiço.
Begrafeniswijzen per periode
- Late Steentijd: lichaam in een kuil begraven en vervolgens bedekt met een heuvel.
- Vroege Bronstijd: crematie; plaatsing van as in situlae (grafemmers) of urnen in de heuvel; soms huisurnen van gebakken klei.
- Midden Bronstijd: plaatsing van de dode in een uitgeholde boom (boomkist) binnen de heuvel.
- Late Bronstijd: crematie met urnen in de heuvel (ook aangeduid als urnenheuvel).
- IJzertijd: verbranding van de persoon en aanleg van een brandheuvel boven die plaats.
- Crematieresten konden ook worden geplaatst in urnen, situlae of leren zakken.
Ondergrondse en verwante begrippen
- Hypogea: ondergrondse grafruimtes, term gebruikt onder andere op Malta.
- Catacomben: grote ondergrondse gangenstelsels van grafruimtes; kenmerken zijn verlichte en geventileerde schachten (luminaria), muurnissen met rondboog (arcosolium), afzonderlijke grafkamers (cubicula) en grafdelvers (fossor).
Herkomst van de term
De term tumulus is Latijn en afkomstig van tumere (gezwollen zijn); verwant aan woorden als tumor en tumult.